Spraakmakend, al een halve eeuw

De meesten kunnen er alleen van dromen, een Lamborghini. Dit jaar bestaat het merk vijftig jaar. Bij de viering van het jubileum gaan 350 ‘Lambo’s’ terug naar de fabriek.

Een poster van een Ferrari was misschien vanzelfsprekender geweest, maar op m’n jongenskamer hingen rond 1970 tussen de portretten van wereldvoetballers uit het tijdschrift 1-0 affiches van twee andere Italiaanse sportwagenmerken: een witte Maserati Ghibli, met twee fotomodellen ernaast, en een gele Lamborghini Miura, voor zover ik me kan herinneren zonder modellen. De Miura, vernoemd naar een Spaanse stierenfokker – bijna alle latere Lamborghini’s hebben een aan stieren gerelateerde naam – was met zijn rondere vormen blijkbaar al aantrekkelijk genoeg. De wagen die op het kantoor van carrosseriebouwer Bertone werd ontworpen door een jonge Italiaan die piano had gestudeerd, geldt als een van de mooiste ooit gemaakt en heeft inmiddels de status van legende. Het was de eerste echte sportwagen van Lamborghini én de eerste supercar – eerste levensbehoefte voor playboys, prinsen, pop- en filmsterren.

Uit diezelfde tijd dateert de speelfilm The Italian Job (1969), met Michael Caine. De openingsbeelden laten een rode Miura zien die haarspeldbochten neemt in de Italiaanse Alpen. Vanuit de auto zijn op de binnenkant van de voorruit de filmtitels te zien (YouTube: the italian job intro). De rit eindigt in een donkere tunnel, waar de Miura zich te pletter rijdt op een bulldozer van de maffia. Het wrak wordt het ravijn in geduwd; pijnlijke beelden voor een autoliefhebber. Ook al ging het om een Miura die al total loss was verklaard.

Lamborghini (spreek de gh uit zoals de Italianen spaghetti zeggen) bestond als automerk nog maar een paar jaar toen de Miura geboren werd – en dat dankzij het initiatief van tractorbouwer Ferruccio Lamborghini (sterrenbeeld: stier) in 1963 om zelf sportwagens te gaan bouwen, uit frustratie over de oncomfortabele sportauto’s die toen op de markt waren. Hij wilde streekgenoot Ferrari naar de kroon steken. Met dit verschil dat hij met de racerij – Ferrari was en is synoniem met Formule 1 – niks van doen wilde hebben.

De 350 GT was de eerste auto die Lamborghini in productie nam. Een rood exemplaar van dat type staat op de cover van het Franse autotijdschrift Sport Auto uit oktober 1965, als onderdeel van een jaargang die ik voor een handvol euro’s op de kop tikte op een vlooienmarkt in België. De auteur beschrijft in de test van de 350 GT hoe hij met een gemiddelde snelheid van ongeveer 200 kilometer per uur over de snelweg van Milaan naar Modena scheurt, „dans une totale tranquillité d’esprit”. Nog nooit reed een auto bij die snelheid zo aangenaam, luidde zijn oordeel. Deze wagen van 5,6 miljoen lire (toen omgerekend bijna 35.000 gulden) maakte nieuwsgierig naar zijn opvolgers, schreef de testrijder van het Franse blad.

Intussen heeft Lamborghini bijna een mensenleven achter de rug en kwamen er na de 350 GT en de Miura spraakmakende modellen als de futuristische Countach (1974), de Diablo (1990), de Murciélago (2001, net als zijn opvolger ontworpen door de Belg Luc Donckerwolke), de Gallardo (2003) en de Aventador (2011). Gallardo’s en Aventadors rollen nog steeds uit de fabriek, op weg naar klanten in Europa (2012: 29 procent), Noord-Amerika (28 procent), Azië (35 procent) en het Midden-Oosten en Zuid-Afrika (samen 8 procent).

In Dubai rijden Aventadors met zwaailichten op het dak; Lamborghini’s (en Ferrari’s) maken daar deel uit van het wagenpark van de politie. Want je kunt Lamborghini’s krijgen zoals je ze hebben wil. Vraag maar aan de Nederlandse klant die onlangs een ‘Lambo’ in de kleur van zijn schoenen wilde, wit met rood. De verkoper van Lamborghini Leusden vloog met één leren schoen naar Italië en liet hem achter in de spuitcabine van de fabriek.

Lamborghini overleefde de afgelopen halve eeuw stormachtige perioden, waarin het bedrijf verschillende keren van eigenaar veranderde. De naamgever zelf trok zich al vier decennia geleden terug uit het toen noodlijdende bedrijf en zo kwam Lamborghini in Zwitserse handen: op zijn landgoed aan het Lagi di Trasimeno ging hij een rode wijn produceren, ‘Miura-bloed’. Op de etiketten de beeltenis van een woeste zwarte stier, die ook de motorkap van elke ‘Lambo’ siert. In de tweede helft van de jaren tachtig kwam Lamborghini in handen van Chrysler, onder leiding van de befaamde Lee Iacocca. Midden jaren 90 verkochten de Amerikanen Lamborghini aan het bedrijf van een zoon van de Indonesische president Soeharto en sinds 1998 wordt Lamborghini vanuit Duitsland gerund door VW-dochter Audi. En de zaken gaan voortreffelijk. Vorig jaar werden er wereldwijd 2.083 Lamborghini’s verkocht (goed voor een omzetstijging van 30 procent naar 469 miljoen euro) en daarmee komt het record uit 2008 (2.430) in zicht. Ter vergelijking: in 1992 waren dat er slechts 166. De grondlegger maakte de bloeiperiode niet meer mee: in 1993 overleed Ferruccio Lamborghini, 76 jaar oud.

Het vijftigjarig bestaan van Lamborghini Automobili wordt deze week gevierd in het Terra di Motori, zoals de bijnaam luidt van de streek in Noord-Italië waar de drie grote Italiaanse automerken plus motorfietsfabrikant Ducati hun wortels hebben. Uit de hele wereld komen eigenaren en dealers vandaag met hun mooiste Lamborghini’s bij elkaar in Milaan; 350 in totaal, waarvan een tiental uit Nederland, van klassieke 350 GT’s tot en met de nieuwste Aventadors. Ze rijden via Forte dei Marmi naar Rome en dan weer noordwaarts, om via Bologna te eindigen in het nabije Sant’Agata Bolognese. Na de Grande Giro van 1.200 kilometer laten ze de motoren zingen op de plek waar de wagens ooit uit de fabriek zijn gekomen.

En hoe het is om in een Lamborghini te rijden? Bij Lamborghini Leusden, een dochter van VW-importeur Pon en nu bijna een jaar de officiële dealer in Nederland, staat een vrijwel nieuwe demonstratieauto (à 320.000 euro) waarin potentiële klanten hun eerste Lamborghini-kilometers maken; een spierwitte Gallardo Spyder (cabriolet) LP560 met zwarte velgen. Vorige week donderdag was het weer net aangenaam genoeg om halverwege de middag zonder dak een proefrit te maken. Extreem lage instap – je zit ongeveer op weghoogte, in een robuuste maar comfortabele stoel, beide handen om een lekker dik sportstuur geklemd. De kilometerteller kan tot 340, maar in werkelijkheid komt de Gallardo – met wereldwijd 13.000 verkochte exemplaren de populairste Lamborghini – rond de 320 kilometer per uur uit. Maar op de snelweg tussen Amersfoort en Apeldoorn, net voor de avondspits, blijft de topsnelheid beperkt tot 170. Want een Lamborghini rijden, in dit geval met 560 paardekrachten onder je kont, is in Nederland een oefening in zelfbeheersing. Om te zien wat hij echt kan moet je ermee naar de Autobahn. Binnen de landsgrenzen zijn het de kleinere genoegens waarmee je je in de Gallardo tevreden moet stellen. Zoals het acceleratievermogen en het geluid als je het gaspedaal intrapt en bij het schakelen, met de flippers achter het stuur. Vooral de klappen van de tiencylinder bij het terugschakelen klinken als muziek: vuurwerk op de snelweg. Een halve eeuw na de onthulling van de 350 GT, zo schreef Mark Koense in het tijdschrift RTLGP, vind je in de Gallardo „het originele, rauwe DNA van een Lamborghini”.

Deze week tref je de demo-Gallardo niet in Leusden. Dan zit de verkoper zelf achter het stuur, tijdens de Giro Grande naar de fabriek in Sant’Agata Bolognese. Maar pas nadat hij voorafgaand aan de feestelijke Lamborghini-parade vanuit Milaan de Gallardo Superleggera heeft afgeleverd aan de klant die een exemplaar wenste in de kleur van z’n schoenen.