Genereuze maar cameraschuwe kunstenaar

Amerikaanse kunstenaar Sol LeWitt had een hechte band met Nederland.

Close-up: Sol LeWitt Ned. 2, 23.00-0.00 uur

Het is alweer zes jaar geleden dat de Amerikaanse kunstenaar Sol LeWitt (1928-2007) overleed, maar zijn nalatenschap is in Nederland nog alom aanwezig. In het Haags Gemeentemuseum bijvoorbeeld, waar zijn muurschilderingen het trappenhuis sieren. Of in het Bonnefantenmuseum in Maastricht, waar zijn zinderende spiraallijnen in 2010 in de koepelzaal zijn aangebracht. Regisseur Chris Teerink probeert er in zijn film Sol LeWitt achter te komen waarom de band van de kunstenaar met Nederland zo hecht was. Hij sprak met LeWitts assistenten, met museumdirecteuren en conservatoren. Gaandeweg ontstaat zo een portret van een kunstenaar die notoir cameraschuw was.

Uit de vele lovende woorden blijkt dat LeWitt een genereus kunstenaar was, die veel van zijn kunstwerken weggaf. Alexander van Grevesteijn, destijds directeur van het Bonnefanten, herinnert zich hoe op een vrijdagmiddag opeens een vrachtwagen vol kisten met sculpturen bij het museum arriveerde.

Mooi zijn de scènes waarin een bezoek wordt gebracht aan Spoleto in Italië, waar LeWitt lange tijd woonde. De plaatselijke timmerman, die ooit zijn sculpturen voor de Biënnale van Venetië uitvoerde, denkt zichtbaar met weemoed aan de kunstenaar terug. Op een plankje in zijn werkplaats koestert hij een vergeeld kiekje foto van hem en LeWitt. Het is de enige keer in de film dat we de kunstenaar te zien krijgen.