Wiels, ‘de Wilders van Curaçao’, pikte geen bemoeienis van Nederlanders

Helmin Wiels, de populaire leider van de onafhankelijkheidspartij Pueblo Soberano, werd gisteravond doodgeschoten. Het was een man die zijn partij met harde hand regeerde en zich niet onthield van felle en beledigende uitspraken, onder anderen naar zijn politieke tegenstanders en de Nederlanders op Curaçao.

Wiels in de Eerste Kamer voor het Koninkrijksoverleg. Foto ANP/Lex van Lieshout

Helmin Wiels, de populaire leider van de onafhankelijkheidspartij Pueblo Soberano, werd gisteravond doodgeschoten op zijn eiland Curaçao door nog onbekende daders. Het was een man die zijn partij met harde hand regeerde en zich niet onthield van felle en beledigende uitspraken, onder anderen naar zijn politieke tegenstanders en de Nederlanders op Curaçao.

In juli vorig jaar plaatste Nederland Curaçao onder curatele vanwege het oplopende begrotingstekort. Wiels was een van de politici die hierop woedend reageerde over die aanwijzing en zei de bemoeienis van Nederland ‘niet meer te pikken’.

Wiels won vervolgens in oktober de verkiezingen met zijn onafhankelijkheidspartij Pueblo Soberano. Hij hield zijn achterban voor dat de ‘body bags’ (lijkzakken) klaar liggen voor al die Nederlanders die zich komen bemoeien met het bestuur van het eiland. Een uitspraak die de felle politicus kenmerkte.

‘Zelfbenoemde messias’

Correspondent Dick Drayer verklaart tegenover de NOS dat Wiels, de zelfbenoemde messias, veruit de populairste politicus van het eiland was. De overheid roept zijn achterban op om rustig te blijven:

‘Totale onafhankelijkheid het hoogste doel’

Na de winst van Wiels bij de verkiezingen schreef redacteur Emilie van Outeren in NRC Handelsblad over de gisteravond overleden politicus dat hij zich voornamelijk hard maakte voor totale onafhankelijkheid, met ferme taal:

“Het voornaamste doel van Wiels’ links-nationalistische partij is totale onafhankelijkheid van Nederland. Hij wil zo snel mogelijk af zijn van de bemoeienis van de kolonisator. Daarnaast lijkt het zijn streven om iedereen die dat plan in de weg loopt tot op het bot te beledigen. Politieke tegenstanders, journalisten, vrouwen, de katholieke kerk en makamba’s (Nederlanders) zijn regelmatig doelwit van zijn tirades. Wiels wordt wel de Wilders van Curaçao genoemd. Om zijn taalgebruik, en zijn filosofie dat wie zich niet aanpast aan de cultuur van het eiland en de taal leert, maar moet oprotten naar zijn eigen land.

Wiels heeft daarnaast altijd gezegd geen minister of premier te willen worden maar liever in het parlement te blijven, zo schreef Van Outeren:

“‘Dat is machtiger dan een minister-president, dus waarom zou ik mij tot die positie verlagen.’ Liever dan bewindspersoon worden, blijft Wiels kritiek leveren vanuit het parlement en op de radio. Hij heeft al negen jaar een eigen programma: een dagelijkse uitlaatklep en campagnepodium. Als premier wordt van hem verwacht dat hij de mensen die hij haat de hand schudt en zijn taal kuist. Dat is hij niet van plan.”

Een ander tekenende eigenschap van Wiels: hij bestuurde zijn partij met harde hand:

“In de amper twee jaar dat de vorige coalitie zat, stuurde Wiels vier van zijn eigen ministers weg. Een daarvan omdat zij het gewaagd had op een dienstreis ook het businessclassticket van haar man te declareren. Het heeft Wiels gestoken dat vrijwel alle ministers van Schottes partij als niet integer bekend staan. Schotte zelf zou nauwe banden met de maffia hebben.”

‘We komen niet onze hand ophouden’

In maart schoof Wiels aan bij Pauw & Witteman om te praten over de overleden Venezolaanse president Hugo Chávez. Over het overleg dat hij met de Nederlandse overheid zou hebben zei hij:

“We komen zaken doen, er heerst een positieve sfeer. We komen niet onze hand ophouden, we komen vertellen wat wij aan het doen zijn om onze financiën en economie weer op poten te zetten.”

Get Microsoft Silverlight