Column

Liever begrippen dan woorden

Transparantie: ik ben er tegen. En ik kan uitleggen waarom.

Er zijn gevallen waarin je weinig ten nadele van transparantie kunt zeggen. Vanaf afstand valt goed te begrijpen waarom de Verenigde Naties een wapenhandelverdrag aannemen dat transparantie bevordert; begrijpelijk ook dat de Vereniging Payroll Ondernemingen de contracten met werknemers transparanter wil, zodat werknemers weten waar ze aan vastzitten. Beroepsregisters transparant? Best. Openheid over arbeidsomstandigheden van fabrieksarbeiders in lagelonenlanden? Prima!

Maar transparantie begint een frase te worden, een retorische wending waarmee de vreemdste doelen worden gediend. Dat krijg je wanneer een woord gaat rondzingen en niemand nog de tijd neemt te bedenken wat het betekent. In Goethes meesterwerk Faust is het de duivel – niet het meest sympathieke sujet – die pleit voor zo’n rigoureuze scheiding tussen de woorden en de begrippen. Betekenis? Jawel, „schon gut”, zegt de duivel, maar die zucht naar betekenis moet je nou ook weer niet overdrijven. Woorden alleen volstaan immers ook. „Denn eben wo Begriffe fehlen, / Da stellt ein Wort zur rechten Zeit sich ein.

In de wereld van het bestuur lijkt het er soms precies zo Faustiaans aan toe te gaan. Niemand heeft de tijd voor begrippen en netelige overwegingen. En dus duiken als vanuit het niets woorden op; hoerawoorden als ‘veiligheid’, ‘vertrouwen’ en ‘transparantie’, waarmee de sprekers suggereren dat ze het goed met de mensheid voor hebben. Voor je het weet zit je vervolgens vast aan stelsels die het leven alleen maar ellendiger maken. Met woorden zet je uiterst gemakkelijk een systeem in elkaar, zegt de duivel, en hij heeft gelijk.

Onlangs schreef correspondent Titia Ketelaar dat ze in Engeland haar laptop in de trein niet op een stopcontact had mogen aansluiten. Waarom niet? Vanwege de veiligheid en de gezondheid. „Health and safety ma’am. Health and safety.” Het zijn gevreesde gebodswoorden in de Engelse taal. Ketelaar schreef dat deze woorden zelfs zo heilig zijn dat ze soms verwijzen naar voorschriften die helemaal niet bestaan. Op een school in Essex werden driehoekvormige koekjes met een beroep op veiligheidsvoorschriften verbannen, nadat kinderen ermee hadden gegooid. Maar in feite bestaan er geen veiligheidsvoorschriften aangaande driehoekige koekjes.

Nu denk ik zelf dat het woord ‘veiligheid’ al enigszins op zijn retour is, omdat zulke bizarre gevolgen uiteindelijk ook de bureaucraten en de toezichthouders te ver gingen. Hoe lichtzinniger je het woord veiligheid gebruikt, hoe onveiliger de wereld wordt, en het dringt langzaamaan wel overal door dat zo’n resultaat niet de bedoeling kan zijn. Maar waar het woord veiligheid verdwijnt, verschijnt het woord transparantie. Een toverwoord dat inmiddels tot taak heeft alle morele problemen van onze tijd op te lossen.

Terwijl de Engelse correspondent in de trein dus worstelde met haar laptop, tobde correspondent Merijn de Waal in Portugal met het bonnetje bij zijn espresso. Want overal in Europa zetten de woorden met het grootste gemak duivelse systemen in elkaar. Tegenwoordig, schreef De Waal, krijg je bij iedere Portugese espresso die je drinkt een waarachtig formulier met stippellijnen waarop je je NIF, je Portugese burgerservicenummer, in moet vullen. De cafébaas moet dat nummer vervolgens „invoeren in een computersysteem, dat de aankoop registreert bij de fiscus. Die krijgt zo meer inzicht in de uitgaven van burgers.”

Deze vorm van transparantie kwam me bekend voor. Sinds begin van dit jaar merkte ik zelf ook al hoe doorzichtig de overheid me wil hebben. Iedere keer dat een ideële organisatie me vroeg een lezing te komen houden over vertrouwen, morele betrokkenheid en de ethiek van het openbaar bestuur, kreeg ik te horen dat ik in plaats van een fles wijn een rekening kon sturen van negenenveertig euro vijfennegentig, mits ik mijn paspoort zou meesturen, een Verklaring Arbeidsrelatie, ‘de authenticiteit en integriteit van de factuur’ was gewaarborgd en het geheel zou voldoen aan ‘EU Factuureisen’ die bleken afgestemd op de vraag hoe groot de kans was op fraude. De overheid schat me duidelijk een stuk crimineler in dan ik ben.

Hoe harder je ‘veiligheid’ en ‘transparantie’ roept, zonder er over na te denken wat je met die woorden bedoelt, hoe onveiliger en minder moreel transparant de wereld wordt. Volgens de Engelse correspondent vreesde de toezichthouder in ernst voor de veiligheidseffecten van de roep om veiligheid. „Hoe meer onzin er wordt verteld, des te meer het afleidt van serieuze veiligheidsovertredingen.” Volgens de Portugese correspondent worden de transparantieregels alom gesaboteerd. Op lantarenpalen hangen de burgerservicenummers van ministers, die veel burgers vervolgens invullen op de stippellijnen van hun koffieformulieren. Het is het lot van hoerawoorden dat ze nooit iets betekenen. Omdat je immers geen bezwaar kunt maken tegen woorden die zo overduidelijk het goede beogen. En dat is de reden waarom ik tegen transparantie ben. Om het begrip te redden van de volstrekte vruchteloosheid.

Maxim Februari is filosoof en schrijver.