‘Het gevoel de beste te zijn gaat nooit vervelen’

Maartje Paumen

Naam: Maartje Paumen

Leeftijd: 27

Sport: hockey

Prestaties: olympisch kampioen 2008 (Beijing) en 2012 (Londen), wereldkampioen 2006, zevenvoudig landskampioen met Den Bosch

Donderdag beginnen de play-offs om de landstitel in het hockey. Zoals elk jaar is Den Bosch de grote favoriet. Hoe gaan jullie met die status om?

„De laatste vijftien jaar hebben we telkens in de play-offs gestaan. Ik wil niet zeggen dat we elk jaar de absolute favoriet waren, maar aangezien we al zo lang aan die play-offs meedoen, leer je met die spanning omgaan. We weten wat er bij komt kijken en hoe belangrijk het is niet te ver vooruit te kijken, maar elke wedstrijd op zichzelf te benaderen. We hebben geleerd finales te spelen.”

Jullie zijn al weken zeker van de eerste plaats in de competitie. Is het moeilijk dan nog scherp te blijven?

„Ja, dat is lastig. We hadden de laatste tijd niet veel meer om voor te spelen, dus dan ga je wat verslappen. We moeten ervoor zorgen dat die scherpte terugkomt en alle spelers een voldoende halen in de play-offs. Het zat de afgelopen jaren allemaal zo dicht bij elkaar in de eindfase van het seizoen dat kleine punten het verschil kunnen maken. Dat wij zo ingespeeld zijn en weten hoe je finales speelt, kan net de doorslag geven.”

Je ziet vaak bij succesvolle ploegen dat het minder gaat na een aantal jaren succes. Bij Den Bosch gaat dat niet op. De laatste vijftien jaar zijn jullie veertien keer kampioen geworden. Hoe verklaar je dat?

„Er is hier in de loop der jaren een echte topsportcultuur opgebouwd door een aantal speelsters. Iedereen bij deze club wil altijd overal voor vechten en honderd procent voor de winst gaan. En het helpt natuurlijk ook dat we een aantal speelsters hebben met veel talent, die al lang bij elkaar zijn. We hebben een mooie mix van ervaring en jong talent.”

Voor jou was het een seizoen met veel mijlpalen. Je maakte je 250ste doelpunt in de hoofdklasse en je werd topscorer aller tijden van het Nederlands elftal. Doen die statistieken je nog iets?

„Je staat er niet echt bij stil. Natuurlijk is het bijzonder, maar ik denk dat ik het pas echt ga beseffen als ik stop met hockey. Als je dingen terugleest en ziet wat je allemaal gepresteerd hebt. Nu ben je toch vooral bezig met de wedstrijden die komen gaan.”

Je hebt in je carrière alles gewonnen wat er te winnen valt. Is het moeilijk je dan weer te motiveren?

„Nee, dan zou ik er ook gelijk mee stoppen. Je traint niet acht keer per week om aan het eind van het seizoen net buiten de prijzen te vallen. Ik speel om te winnen, daarom speel ik ook bij Den Bosch. Elke keer dat je de beste bent en een gouden plak krijgt omgehangen of de beker krijgt, is dat een onbeschrijfelijk gevoel. De kick dat het weer gelukt is, het gevoel de beste te zijn. Dat gaat nooit vervelen.”