Fototentoonstelling met pokken, grimassen en syfilisvlekken

Medische fotoportretten zijn vaak gruwelijk, maar ook inzichtelijk, zegt Mieneke te Hennepe.

Al vanaf 1840 werden er mensen met ziektes gefotografeerd. En nadat Kodak in 1888 met de eerste doos-camera kwam, werd het onder dokters populair patiënten vast te leggen. Medisch historicus Mieneke te Hennepe (1975) is conservator in Museum Boerhaave en bereidt een tentoonstelling voor over medische fotoportretten.

Wat voor ziektes werden er vastgelegd?

„Ziektes die aan de oppervlakte te zien zijn. Op de vrij vroege foto’s staan bijvoorbeeld gewonde soldaten uit de Amerikaanse Burgeroorlog. Huidziekten waren interessant om vast te leggen. Veel orthopedie ook: mensen met een scheefgegroeide rug bijvoorbeeld. En psychiatrie zie je veel. Hysterie en dergelijke kon je aan de lichaamshouding en de gezichten aflezen. Iets later zag je ook dat de patiënten poses gingen aannemen en hun gezichtuitdrukkingen gingen overdrijven. Het is duidelijk geënsceneerd.”

Inzoomen kon nog niet?

„Nee, niet zoals dat later mogelijk werd. Er worden echt portretten gemaakt, je ziet aan alles dat het vanuit die conventie gebeurt. Pas later krijg je een neutrale achtergrond. Wel zijn er soms stukken van de foto afgeknipt. Of het deel dat ziek was werd ingekleurd, bijvoorbeeld een aangedaan oog. Er werden fotografische atlassen gemaakt, soms echt extreem goede, en artsen onderling wisselden regelmatig foto’s uit.”

De patiënten waren herkenbaar?

„Dat werd al vrij snel een punt van discussie. Artsen wilden niet de hele persoon laten zien, alleen de ziekte, maar het nieuwe medium gaf de hele werkelijkheid. Ze hadden het over ‘accuraatheid en levensechtheid als nooit tevoren’. Wel kregen mensen soms een zak over hun hoofd, of hun hoofd werd in doeken gewikkeld. We hebben hier bijvoorbeeld een foto van een man met elefantiasis aan een balzak. Gruwelijk: een gezwel van bijna een meter breed, dat op een tafeltje ligt.

„Zolang het om dokters onderling ging was het geen probleem. Maar ja, er is wel het verhaal van een avond met een geneeskundig genootschap waar plaatjes vertoond werden. De man die het apparaat bediende zei op een gegeven moment: die patiënt lijkt erg op mijn schoonzuster. De dermatoloog die de foto had genomen, maakte zich er toen snel met een smoesje vanaf. Hij had die vrouw beloofd niemand te vertellen over haar ziekte.

„De privacywetgeving in Amerika is deels terug te voeren op toen. Net als het portretrecht. Want indertijd kwamen ook voor het eerst foto’s van bekende mensen in kranten en bladen.”

Hebben die oude medische foto’s nu nog een functie?

„Wat ik mooi vind, is dat ze ook een tijdsbeeld geven van ziektes die we niet meer kennen. Of niet erg goed: syfilis gaf verschrikkelijke plekken over het hele lijf voordat er antibiotica waren. En we hebben foto’s van de pokken. Toen dodelijk, nu uitgeroeid. Maar je realiseert je ook het leed. Soms moet ik bij foto’s wel een paar keer slikken: die pijn, die schaamte waar mensen mee moesten rondlopen.”

Woensdag 8 mei spreekt dr. Mieneke te Hennepe over ‘Portret van een patiënt: fotografie in de geneeskunde’. 16.30 uur. Museum Boerhaave, Lange St. Agnietenstraat 10 Leiden. Toegang: museumkaartje.