'Zodra hij bij Haaksbergen is, zet ik de aardappels op'

Willem Verwey is vakgroepvoorzitter en hoogleraar, zijn vrouw Joke werkt in een hospice. Zij onthoudt alles, hij niet. „Je vergeet ook vaak te vragen naar mijn dag.”

Willem Verwey en zijn vrouw gefotografeerd door David Galjaard in hun huis in Winterswijk voor de rubriek "Spitsuur" - Economie pagina weekend editie NRC Handelsblad

‘Koken vind ik vreselijk’

Joke: „Met een app op onze mobieltjes kunnen Willem en ik precies zien waar we elk moment van de dag zijn. Zodra ik zie dat hij bij Haaksbergen rijdt, zet ik de aardappels op.”

Willem: „Dan kan ik gelijk aanschuiven zodra ik thuiskom, heel handig.”

Joke: „Het huishouden doe ik, dat is altijd al zo geweest. Drie uur per week heb ik een huishoudelijke hulp. Koken vind ik vreselijk, maar ik doe het toch elke dag, omdat ik eerder thuis ben dan Willem. Vrijwilligers in het hospice geven me wel eens recepten die ik thuis probeer. Ze weten: voor Joke moet het simpel en duidelijk zijn.”

Willem: „Ik onderhoud de tuin. We hebben ongeveer 600 à 700 vierkante meter tuin, daar ben ik in de zomer elke week wel mee bezig. En ik stofzuig soms.”

‘Ik sta aan de top’

Willem: „Je leven kan door één gebeurtenis bepaald worden. Op een verjaardag kreeg ik de tip om met mijn HTS-opleiding de psychologie in te gaan, dat heeft vervolgens mijn hele carrière bepaald. Op de Universiteit Twente bedrijven we een technische vorm van psychologie. Veel van mijn collega’s zijn techneuten, door mijn technische achtergrond communiceren we makkelijk. Qua carrière ben ik nu op mijn top, ik ben vakgroepvoorzitter en hoogleraar. Ja, ik zou misschien nog decaan kunnen worden, maar dan word je manager en is er nog minder tijd voor onderzoek. Dat wil ik niet. Daarbij ben ik direct, ik geef mijn mening snel, als manager moet je strategisch opereren. Ik zou bang zijn dat ik me moet inhouden.”

Joke: „Zijn werk heeft altijd als een rode draad door ons gezin gelopen. In het begin van onze relatie vond ik dat soms een probleem, gezellig samen wandelen in het bos gebeurde niet vaak. Er is zelfs een tijd geweest tijdens ons huwelijk dat Willem in Duitsland studeerde en later ook daar werkte, we zagen elkaar alleen in het weekend. Maar ik ben daar ook heel zelfstandig van geworden, en dat vind ik nu heerlijk. Ik onderneem al 33 jaar veel in mijn eentje, heb zelf ook altijd gewerkt, bijna altijd fulltime. Mocht er iets misgaan, dan kan ik mezelf bedruipen.”

‘Te laat komen stoort me’

Willem: „Ik kon alleen maar zo ver komen omdat ik gedisciplineerd ben. De wetenschap wordt wel eens met topsport vergeleken, er zijn veel gegadigden en weinig posities. Met de instelling ‘ik heb vanavond geen zin’ red je het niet. Ook mijn hobby’s zijn strak afgebakend. Ik zit op een kegelclub, in het bestuur van de muziekschool, speel in een bigband en in een hockeyteam, alles past in een schema en moet nut hebben. Ik lanterfant nooit.”

Joke: „We hebben een vol leven. Er zit continu een agenda in mijn hoofd met de tijdsplanning. Het stoort me daarom ook als mensen te laat komen, dan is mijn schema in de war.”

Willem: „Het verschil is dat zij alles in haar hoofd heeft zitten, ik kan dat niet. Zonder agenda ben ik hopeloos, ik moet alles opschrijven.”

Joke: „Je vergeet ook vaak te vragen naar mijn gebeurtenissen van de dag.”

Willem: „Ik ben er wel in geïnteresseerd, maar denk er dan niet aan.”

Joke: „Willem is wel heel betrokken bij mijn werk, maar ik moet er meestal zelf over beginnen. Bij een hospice gaat het over leven en dood, dat zijn indringende zaken.”

Willem: „Joke kan mij er weer op wijzen dat ik attent moet zijn, zoals bloemen meebrengen voor mijn secretaresse. Ik ben een typisch gefocuste wetenschapper, en Joke een mensen-mens.”

‘De wereld ligt open’

Joke: „Ons gezin is heel hecht, we zien de kinderen elke maand wel een paar keer. Laatst trakteerde onze dochter ons op een diner in een luxe restaurant, om haar financiële onafhankelijkheid te vieren.”

Willem: „Als een bedankje, voor de jaren dat wij haar hebben onderhouden. Geweldig. Omdat Joke suikerziekte heeft, hadden de artsen ons destijds aangeraden jong kinderen te krijgen. Nu zijn we zelf nog vrij jong en de kinderen al volwassen. Ik heb het gevoel dat de wereld voor ons open ligt.”

Joke: „Het verbaast me hoeveel leeftijdsgenoten aftellen tot hun pensioen. Alsof dan de hemel op aarde komt.”

Willem: „Ik vind dat ook een beetje treurig, dan hebben ze het blijkbaar niet naar hun zin in hun werk.”

Joke: „Mochten er kleinkinderen komen, zal ik daar graag een dag op passen. Maar we zijn allebei nog lang niet van plan te stoppen met werken.”

In Spitsuur vertellen stellen en singles hoe zij werk en privé combineren. Meedoen? Mail naar werk@nrc.nl.