‘Na de zomer komt de grote klap’

Kinderdagverblijven vallen massaal om omdat de overheid ouders minder bijschiet. Iedereen wordt geraakt.

Kinderdagverblijf De Gelaarsde Kat in Almere was net failliet verklaard toen collega’s van twee concurrerende crèches uit de buurt op de stoep stonden. Niet om hun medeleven te tonen. Maar om klanten te werven.

Het haalde weinig uit. Veel ouders hadden de kinderopvang al opgezegd. Het was te duur geworden omdat ze plotseling veel minder kinderopvangtoeslag ontvingen. De Gelaarsde Kat zag de bezettingsgraad teruglopen, vertelt de curator en „kon zodoende niet meer openblijven”.

Vorig jaar gingen 48 ondernemingen failliet, in het eerste kwartaal van dit jaar waren dat er al 41. Het aantal ‘vrijwillige’ sluitingen is nog indrukwekkender: vorig jaar waren dat er 667, de eerste drie maanden van dit jaar nog eens 264.

De terugloop is een direct gevolg van de kabinetsbezuinigingen. De kinderopvangtoeslag, een tegemoetkoming van de overheid in de kosten van kinderopvang, is vorig jaar voor alle inkomensgroepen verlaagd. Met ingang van dit jaar krijgen ouders die met elkaar meer dan 118.000 euro per jaar verdienen voor hun eerste kind helemaal geen subsidie meer.

Vooral in niet-kapitaalkrachtige buurten gaan crèches over de kop, is de ervaring van curator Simon Setz van Van den Herik & Verhulst Advocaten in Rotterdam. Sinds vorig jaar handelt hij de faillissementen af van drie kinderdagverblijven met veertien vestigingen. Alle drie in buurten „waar ouders vrijwel volledig afhankelijk zijn van de subsidiestroom van de overheid”.

Bovendien stortten sommige ouders de kinderopvangtoeslag niet op de bankrekening van de crèches, maar staken het in eigen zak. „Waarschijnlijk om de gaten in hun eigen budget mee te dichten”, zegt Setz. „De ouders maakten allerlei excuses, dat ze het geld nog niet binnen hadden of dat er iets mis was bij de Belastingdienst.” Een van de drie kinderdagverblijven had nog een bedrag tegoed van bijna 9 ton; een ander miste nog ongeveer 6 ton. „En dan ga je over de kop.”

De faillissementen begonnen vorig jaar na de eerste bezuinigingsronde van het kabinet op de toeslagen. Bedrijven die financieel al niet erg gezond waren konden die klap niet aan, vertelt Mechteld van Veen-Oudenaarden van GMW Advocaten in Den Haag. De „grote golf” faillissementen komt na de zomer, voorspelt ze.

Dat verwacht Gjalt Jellesma ook, hij is voorzitter van de belangenvereniging van ouders in de kinderopvang Boink. Begin dit jaar zijn er namelijk weer nieuwe bezuinigingen doorgevoerd, ouders hebben de rekeningen nog verder zien oplopen en ze zijn op zoek gegaan naar alternatieven als oma of buurvrouw.

De ouders hebben tegenover de kinderopvang een opzegtermijn van twee maanden; veel van hen zeggen nu op. De zomer valt nog wel te overbruggen, maar als er na de zomer geen nieuwe aanwas is houdt het voor veel crèches op. De kinderdagverblijven hebben nauwelijks financiële buffers. Dat is opmerkelijk; kinderopvang was de afgelopen jaren booming. Zozeer dat zelfs het durfkapitaal in de branche investeerde.

De cyclus was overzichtelijk: ouders ontvingen stevige vergoedingen voor kinderopvang. Daarom brachten ze massaal hun kinderen naar de opvang. Daar ontstonden wachtlijsten die de prijzen opdreven. Bovendien werden ze contractueel verplicht om per dag elf uur opvang af te nemen. Je zou denken, zegt advocaat Van Veen-Oudenaarden, dat kinderdagverblijven nu gigantische buffers hebben. Maar het tegendeel blijkt waar. „Je ziet dat het geld vaak is uitgekeerd.” Of het is gebruikt om uit te breiden. Dat deed bijvoorbeeld The Little Pony, een onlangs failliet verklaard kinderdagverblijf met vijf vestigingen in Almere.

De grootmoeder van de huidige mede-eigenaar Fabiana Willems begon 24 jaar geleden met de opvang. Zij opende als een van de eersten in Almere-Buiten een crèche. De afgelopen jaren kwamen er vestigingen bij in heel Almere. In juli 2011 openden we nog een prachtige locatie, vertelt Willems, „met alles erop en eraan”. Maar met de bezuinigingen van het kabinet die een jaar later volgden, liepen de aanmeldingen terug en kwamen ze niet meer uit de kosten. Het bedrijf saneerde en kreeg financiële begeleiding. „Maar de bank vond het niet genoeg en riep de financiering terug.”

Willems is niet alleen boos op de bank maar ook op de overheid. „Die liet pas in november weten hoe de tarieven voor de ouders er in januari uit zouden zien. We hadden nauwelijks de tijd om onze klanten fatsoenlijk te informeren.” De verminderde toeslagen kwam ouders rauw op hun dak vallen, weet ze. „Zowel bij de goed verdienende mensen als bij de minder bedeelden.”

Volgens de curatoren staan de ouders nog forse problemen te wachten met alle faillissementen in de branche. Ouders betalen de kosten voor de opvang vooruit, meestal via een automatische afschrijving.

Het geld voor de komende maand is dus al geïnd door de crèche. Als een onderneming nu failliet gaat, gaat dat geld naar de bank. Ouders hebben dan soms wel al voor een paar duizend euro aan kinderopvang betaald. De kans is groot dat ze naar hun geld kunnen fluiten.