Kabinet twist over 'Made in Israel'

Voorlopig komt er geen herkomstvermelding op producten uit Israëlische nederzettingen in de bezette Palestijnse gebieden. Het kabinet heeft plannen hiervoor op de lange baan geschoven, om een conflict in de coalitie te voorkomen. Dat zeggen bronnen rond het kabinet.

Minister Frans Timmermans (Buitenlandse Zaken, PvdA) presenteerden deze labeling in Nederlandse winkels in maart dit jaar nog als vanzelfsprekend. Timmermans’ enthousiasme bleek slecht te vallen in de VVD-fractie. Achter de schermen oefende Israël diplomatieke druk uit. Israël vreest dat de etikettering een eerste stap is op weg naar een boycot.

Aanleiding tot de spanningen was een advies over ‘herkomstetikettering’ dat Economische Zaken begin maart publiceerde. Daarin stond dat producten uit de Westelijke Jordaanoever, Oost-Jeruzalem en de Golan Hoogvlakte, niet meer het label ‘Made in Israel’ mogen dragen. Het verbod zou gelden voor onder meer groente en fruit, wijn, olijfolie, vis en cosmetica. In een reactie op het advies noemde minister Timmermans dit toen de Nederlandse lijn: „Als op producten uit nederzettingen staat dat ze uit Israël komen, klopt dat gewoon niet met het internationaal recht.” Nu wordt in regeringskringen gezegd dat Timmermans dit „te enthousiast” heeft uitgedragen. Het advies is intussen van de website van Economische Zaken gehaald.

Premier Mark Rutte (VVD) verdedigde Timmermans’ stellingname in eerste instantie. Het Verenigd Koninkrijk en Duitsland, zo zei Rutte na de ministerraad op 8 maart, waren al begonnen met het uitvoeren van Europese afspraken daarover. Nederland volgde. Dat is onjuist: Nederland zou, na het Verenigd Koninkrijk, het tweede Europese land zijn geweest dat de nieuwe Europese richtlijn uitvoert. Ook in Duitsland ligt de kwestie gevoelig.

Coalitiepartij VVD liet na de uitspraken van Timmermans en Rutte weten ongelukkig te zijn met het plan. VVD-Kamerlid Han ten Broeke zei niet te zien waarvoor de maatregelen nodig zijn. De VVD heeft vooral moeite met de politieke motivatie van de etikettering. De partij wil de kwestie aan de markt overlaten.

Jack Twiss, raadadviseur van Rutte voor Buitenlandse Zaken en eerder hoofd van de diplomatieke missie in Ramallah, en Casper Veldkamp, de Nederlandse ambassadeur in Tel Aviv, speelden een rol bij het overbrengen van de Israëlische onvrede.

Vervolgens is besloten dat Nederland niet op eigen initiatief labeling zou invoeren van de omstreden producten. Een liberale betrokkene: „Daarmee is de angel uit het conflict gehaald.” Timmermans was op 12 april een van de ondertekenaars van een brief aan EU-buitenlandcoördinator Catherine Ashton waarin 13 ministers van Buitenlandse Zaken zeggen te wachten op EU-brede uitwerking van de Europese richtlijn.

Een woordvoerder van Buitenlandse Zaken zegt dat Timmermans altijd een EU-brede aanpak heeft gewild. „Een Nederlandse alleingang op dit punt heeft immers, vanwege de interne markt, geen enkele zin.” Het advies is volgens Buitenlandse Zaken „per ongeluk” op de website van Economische Zaken geplaatst.

PvdA-Kamerlid Désirée Bonis noemt de EU-oplossing „geen vluchtroute”. „Het is onwenselijk dat elke lidstaat de richtlijn apart gaat uitwerken. Dat geeft Israël de mogelijkheid landen tegen elkaar uit te spelen.” De Israëlisch-Nederlandse betrekkingen verslechteren. Zo was, heel ongebruikelijk, geen enkele Israëlische minister aanwezig op de ontvangst bij de Nederlandse ambassadeur in Israël ter gelegenheid van de inhuldiging van koning Willem-Alexander.