Ieder beeld is als een still uit een western

Tom Waits en Anton Corbijn maakten samen een fotoboek. Dat steeds speelser werd naarmate de vriendschap groeide.

Tom Waits, California, Dillon Beach, 2002 Foto Anton Corbijn

Ieder ander zou eraan voorbijgelopen zijn. Die zou gewoon een kale staldeur zien, aangevreten door een verveeld paard. Zo niet Tom Waits. Hij passeerde een afgebladderde staldeur op een renbaan en herkende er direct een afbeelding in van een paard dat over een hindernis springt. Waits maakte een foto van de deur, vlak voordat een schilder er met de witkwast overheen ging. ‘Mystical Artist who is also a Horse’, schreef hij er in ouderwetse typemachineletters bij. Hoeveel van deze meesterwerken, vroeg de zanger zich af, zou het paard al gemaakt hebben? En deed het dier ook landschappen?

Tom Waits (1949) is iemand die monsters ziet in olievlekken op het asfalt. Iemand die roestige flessendoppen en boutjes op de grond vindt, ze mee naar huis neemt en noteert waar hij ze gevonden heeft. ‘Curiosities’ noemt hij het vijftigtal foto’s dat hij nu heeft verzameld in een boek dat hij samen met fotograaf Anton Corbijn (1955) heeft gemaakt. Het zijn beelden die Waits’ fascinatie voor de morsige, morbide kant van het leven verraden. Snapshots van een gier die een platgereden dier bespringt, of van een oude bemoste caravan waarin vermoedelijk een zonderling huist. De volle maan, een roestige oldtimer of een eenzame truck bij een nachtelijk snelwegcafé – het zijn allemaal oude bekenden uit het Waits-vocabulaire. Beelden die je al kende uit Waits’ avontuurlijke liedjes over hoeren en dronkaards en andere nachtbrakers, maar die nu door de zanger zelf zijn vastgelegd.

Het fotoboek Waits/Corbijn ’77-’11, uitgebracht in een gelimiteerde editie van 6.600 exemplaren, is de weerslag van de 35-jarige samenwerking tussen de Amerikaanse muzikant en de Nederlandse fotograaf. Corbijns foto’s, vrijwel allemaal in stemmig zwart-wit, beslaan de eerste 200 pagina’s van het boek en laten in chronologische volgorde zien hoe Waits zich in deze periode heeft ontwikkeld van een schuchtere barpianist tot een eigenzinnig cultartiest. Op de eerste portretten oogt Waits nog als een getroebleerde jongeman in slangenleren puntschoenen die hard zijn best doet om aan zijn imago van whiskydrinkende en kettingrokende muzikant te voldoen. Corbijn betrapte hem in 1977, backstage in poptempel Paradiso, in een typische existentialistische pose – met de ogen dicht, rokend, nadenkend.

Waits woonde op dat moment nog in het notoire Tropicana Motel in Los Angeles en dronk en rookte naar eigen zeggen „pretty much round the clock”. Dat veranderde toen hij begin jaren tachtig zijn muze Kathleen Brennan ontmoette, een vrouw die hem niet alleen op het rechte pad bracht maar hem ook muzikaal een andere weg liet inslaan. Samen maakten ze in 1983 Swordfishtrombones, een revolutionair album vol primitieve geluidseffecten en experimentele stemvervormingen. Waits had zijn stijl gevonden, en dat lees je ook aan Corbijns foto’s af. Zelfverzekerd, een tikkeltje hooghartig zelfs, blikt de zanger in de camera. Een troubadour met een curieus lang gezicht, getatoeëerde bovenarmen en een grappig hoedje. En met een doorleefde stem die net zo gruizig is als de korrels op Corbijns fotopapier.

Begin jaren negentig verhuist Waits naar een huis op het Californische platteland, iets ten noorden van San Francisco. De beregende straten van New York en de graffitimuren van Los Angeles maken plaats voor de stoffige zandwegen en verlaten spoorrails van Sonoma County. Daar struint de zanger met kinderlijk plezier blootsvoets door de modder, klimt hij in bomen, jaagt hij de koeien achterna. Waits blijkt een man met vele gezichten. Als een beatnik ligt hij op de motorkap van oude Amerikaanse auto’s. Als een oud boertje zit hij op zijn rammelende tractor. Als een cowboy zonder paard sloft hij door de woestijn. Ieder beeld van Corbijn is als een still uit een western of roadmovie. Of, zoals Waits de magie beschrijft: „Anton pakt een klein zwart doosje op, richt het op je en opeens vallen de bladeren van de bomen. De schaduwen zijn nu lang en beangstigend, het huis oogt volkomen verlaten en ik zie eruit als een aantrekkelijke doodgraver.”

Naarmate het boek vordert en de vriendschap tussen fotograaf en popartiest groeit, worden de foto’s steeds vrijer, steeds speelser. Je ziet de lol die de twee samen gehad moeten hebben. Corbijn laat Waits als Zorro met een masker en cape van een rots af springen of als Mary Poppins met een paraplu op het dak klimmen. Dit heeft niets meer te maken met een schuchtere popfotograaf die in de buurt probeert te komen van zijn idool. Dit zijn portretten die getuigen van een diep vertrouwen en wederzijds respect.

‘Waits/ Corbijn ’77-’11. Uitg. Schirmel-Mosel. 272 pag. € 148,00. Op 5 mei om 18.00 uur is er een boekpresentatie in &Foam, Vijzelstraat 78, Amsterdam. Bij de presentatie zal muziek van Tom Waits worden uitgevoerd door Orkater/The Sadists. Corbijn houdt een signeersessie. Inl: www.waits-corbijn.com en www.foam.org