Hé, daar vliegt een robot

Is het een hommel aan een touwtje? Nee, het is een klein robotje dat net zo vliegt als een insect.

Vroeger bonden kinderen voor de lol grote vliegende kevers aan een touwtje. Die kevers (het waren meikevers) werden dan vliegertjes. Of dat nou leuk is? Beetje zielig. En meikevers zijn zeldzaam.

Aan die meikevers moest Dr. Zeepaard denken toen hij de foto hierboven zag. Het is een robotvliegje aan een snoertje. Hij is 3 cm van vleugelpunt tot vleugelpunt. Iets kleiner dan een meikever, en iets groter dan een hommel. En hij kan echt vliegen. Het is een heel klein vliegtuigje! Maar dan met twee klapperende vleugeltjes, zoals een insect.

Het robotvliegje is pas net uitgevonden, door wetenschappers uit Amerika. Het is heel moeilijk om zo’n klein apparaatje te maken. Priegelwerk.

Er is ook een filmpje van. Daarop zie je het robotvliegje voorzichtig opstijgen. En je denkt: hangt hij echt niet stiekem aan een touwtje? Nee.

Hij lijkt eerst naar links te kantelen, dan naar rechts. Maar het gaat goed: het vliegje blijft in de lucht hangen. Hij slaat wel 120 keer per seconde met zijn vleugeltjes. Dat is sneller dan je kan zien.

Het robotvliegje weet zelf hoe hij moet vliegen, en dat is knap. Om hem heen staan acht camera’s die hem filmen als hij vliegt. Via het snoertje krijgt hij die filmpjes heel snel opgestuurd. Dan weet hij: oh oh, ik val om! Bijsturen! Het robotvliegje kan het stilhangen 20 tellen volhouden. Daarna kukelt hij toch om en valt uit de lucht.

Ergens naartoe vliegen kan hij nog maar een beetje. En een looping maken of een vliegenmepper ontwijken? Nee. Een échte vlieg is eigenlijk heel bijzonder.

Hester van Santen

Bron Science, 3 mei.