Stroom zonder grenzen

Hoe komt het dat Nederland zo veel elektriciteit importeert?

Markten trekken zich niets aan van grenzen. Kopers zijn altijd op zoek naar de laagste prijs. Zo is het ook op de markt voor stroom. Voor een koper van stroom maakt het niet uit of het wordt opgewekt in eigen land of in één van onze buurlanden. Als het maar op tijd wordt geleverd. En dat wordt steeds gemakkelijker nu de capaciteit van transportverbindingen tussen Nederland en andere landen de laatste jaren is toegenomen. Een eerste reden dat Nederland soms wel 25 procent van de stroombehoefte haalt uit import komt doordat stroom uit Nederlandse gascentrales veel duurder is dan stroom uit kolencentrales uit binnen- en buitenland. De lage prijs voor zowel kolen als CO2-uitstoot geven ook geïmporteerde kolenstroom een concurrentievoordeel. In Nederland is daarmee het sprookje waarin flexibele gascentrales en meer hernieuwbare elektriciteit samen een duurzame toekomst bepalen, hard uit elkaar gespat. De werkelijkheid is onverbiddelijk en we zien een kloof tussen de beoogde energietransitie en de grillen van de markt.

Veel import van elektriciteit komt ook doordat Duitsland veel stroom uit zon en wind produceert. Als de zonnepanelen en windmolens er eenmaal staan, dan zijn de variabele kosten om hiermee stroom op te wekken nagenoeg nul. Dit betekent dat stroom uit deze duurzame bronnen tegen de laagste prijs kan worden aangeboden. Dus als Nederland zelf meer energie uit zon en wind gaat produceren zal dat ook leiden tot lagere elektriciteitsprijzen.

Een nieuwe studie van Price Waterhouse Coopers (PWC), die afgelopen weekend werd gepubliceerd, heeft zelfs aangetoond dat een combinatie van de kolenbelasting en het realiseren van 16 procent hernieuwbare energie in 2020 leidt tot de laagste elektriciteitsprijs op de stroommarkt. Goed nieuws voor grote energieverbruikers zoals staal- en chemiebedrijven. Want zij betalen nauwelijks mee aan de subsidies voor duurzame energie, maar profiteren wel maximaal van het prijsverlagende effect ervan. Per saldo gaan deze bedrijven erop vooruit en verstevigen ze hun concurrentiepositie.

Ik verwacht daarom veel steun van deze partijen voor de ambities van het kabinet om de doelstelling van 16 procent duurzame energie in 2020 te realiseren.