'Banken snappen niet dat je nu kunt groeien'

Klanten doen zuinig aan de kassa, banken zijn terughoudend met krediet, het regent faillissementen. Toch zijn er ook ondernemers die nu durven te investeren – tegen de crisis in. Deel 4 van een serie.

leiderdorp eco serie investeren tegen de crises in foto rien zilvold

Ligt het succes van internetwinkels niet in het feit dat de klant er de deur niet voor uit hoeft? „Ja”, zegt Alexander van Nimwegen. Maar mensen willen ook „de beleving” van een winkel, beweert hij. En daarom opende hij samen met zakenpartner en goede vriend Lennart Koopmans een zaak in Leiderdorp – 1.250 vierkante meter groot. Terwijl ze al eigenaar zijn van negen, goedlopende, internetwinkels.

In een lichte ruimte staan rijen kledingrekken. Links hangt mannenkleding, rechts de kleding voor de vrouwen. Achterin staat het schoeisel. Aan de muur hangen papieren. Op elk A4’tje staat een letter: SCHOENEN. Pumps, gympen en laarzen staan op rijen schoenendozen. „Daar worden mensen hebberig van”, zegt Van Nimwegen.

Dat is precies het gevoel dat de website van de twee ondernemers, Goeiemode, tot een succes maakt. Elke dag verschijnen er enkele acties online: T-shirts van kledingmerk DKNY, onderbroeken van Björn Borg. Alles tegen een gereduceerde prijs. De klant heeft dan een dag om een aankoop te doen. Na vierentwintig uur is de aanbieding weg. Het gevoel dat het de laatste kleren kunnen zijn, dat er snel gehandeld moet worden, en ook nog eens korting: dat werkt, zegt Van Nimwegen.

Ze keken het trucje af van andere websites met bouwartikelen. „Maar na drie boormachines hoef je er niet nog één.” Kleren wel. „Je trekt elke dag een onderbroek aan.” Bijkomend voordeel: ook vrouwen zijn er voor te interesseren. In 2010 begonnen ze, met twee truien per dag. Inmiddels verkopen ze dagelijks „honderden” artikelen, aldus Koopmans. „Vooral op dinsdag en donderdag doen we goede zaken. Als de mensen op hun werk nog even de persoonlijke mail bekijken.”

Nu is er ook een fysieke winkel. Dat het winkeliers steeds meer moeite kost klanten naar hun winkels te trekken, deert de twee niet. Van Nimwegen en Koopmans zijn er van overtuigd dat zij genoeg te bieden hebben om mensen wél binnen te krijgen.

Opgewonden vertellen ze over hun plannen. Stylisten die kledingadvies geven, een koffiehoek. Een fotostudio, waar klanten in hun zojuist gekochte kleren op de foto kunnen. En kleding die op één van de negen websites besteld is, kan in de winkel gepast en opgehaald worden.

„We zijn begonnen in een slechte tijd”, meent Van Nimwegen. „Maar mensen willen er altijd leuk uitzien. Voor zo min mogelijk geld.” De crisis is dus, bedoelt hij maar te zeggen, wel een goede tijd voor het bedrijf.

Twee maanden geleden betrokken Van Nimwegen en Koopmans het pand in Leiderdorp. „Een geluk”, noemen de ondernemers het. Vóór hen had de Nederlandse modeketen Piet Kerkhof een zaak in het gebouw. Hij hield het slechts twee maanden vol. Het pand dat hij achterliet was net voor ruim zes ton verbouwd. Met de eigenaar van het pand, een particulier, sprak Kerkhof af de inventaris te laten staan.

De drie partijen, Kerkhof, de vastgoedeigenaar en de twee ondernemers, nemen elk een derde van de geïnvesteerde zes ton voor hun rekening. Van Nimwegen en Koopmans betalen maandelijks een deel van die 200.000 euro aan de eigenaar – wiens naam ze niet willen noemen. In principe is die ‘huur’ elke maand op te zeggen.

„Dat is een gok voor hem”, beaamt Van Nimwegen. „Het was óf leegstand, óf deze constructie.” De overige twee ton die de twee vrienden investeerden – in de kassa’s, de verhuizing, nieuw personeel – komt uit eigen zak.

„Wij haten de banken”, zegt Van Nimwegen. Koopmans: „Háten.” Van Nimwegen: „Banken willen cijfers van de afgelopen drie jaar zien. Maar wij groeien zo hard, die cijfers zijn niet met elkaar te vergelijken. Ze snappen niet dat je in de crisis kan groeien.” De banken kijken te veel naar de „historie”, aldus de twee. Zelf kijken ze „liever naar de toekomst”.

Al willen ze wel even laten zien hoe goed het al ging, de afgelopen tijd. Trots tonen de zakenpartners foto’s op hun mobiele telefoon van een zaterdag, een paar weekenden terug. „Om negen uur stonden er al mensen in de rij”, zegt Koopmans. Uiteindelijk kwamen er zo’n duizend klanten langs, vertelt hij. „De visboer die hier elke zaterdag staat kwam vertellen hoe blij hij met ons is.”

De gemeente Leiden wil nu in gesprek met de ondernemers over mogelijke nieuwe locaties. Dat vinden ze „natuurlijk” fantastisch. Al gaat het nu al van „holy fuck, wauw”, als ze ’s ochtends aankomen. „Dit was echt een goede beslissing.”