Column

Wat maakt overnames toch zo verleidelijk?

De overname à ruim 10 miljard euro van energiebedrijf Nuon in 2009 was een goudmijn voor de Nederlandse eigenaren: gemeenten en provincies. Het was een feestje voor de betrokken zakelijke adviseurs. Maar voor het Zweedse staatsbedrijf Vattenfall dat met Nuon zijn grootste buitenlandse overname deed was dit de miskoop van het decennium.

De schokken trillen nog na.

Vattenfall heeft ten laste van de winst in 2012 ongeveer een miljard euro afgeschreven aan betaalde overnamepremies en groeiverwachtingen die niet meer gehaald zullen worden.

Het onderzoek dat de Zweedse advocaat Danielsson op verzoek van de Vattenfell-commissarissen gaat doen naar beweerde smeergeldbetalingen aan topman Øystein Løseth illustreert het wantrouwen en politieke ongenoegen over de aankoop. Tijdens die overname was Løseth directiechef van Nuon.

Overbetaalde overnames à la Nuon zijn talrijk. Zij zijn geen incidenten. Zij zijn inherent aan de ‘moderne’ ondernemingsdriften. Ondernemen is overnemen. Dat gebeurt met name als een bedrijfstak in beweging komt door liberalisering, ambitieuze topmanagers, gretige adviseurs, soepele bankfinanciering en de angst om de boot te missen. Elke generatie trekt zijn lessen die een volgende generatie terzijde schuift onder het motto: ditmaal is het anders.

Omdat politici in veel landen, maar niet in Nederland, energie overwegend als een staatszaak zien, gaan er in deze sector meer staatsbedrijven op hun neus. De Nederlandse Gasunie, een staatsbedrijf, verspeelde 1,8 miljard euro bij de overname van een Duits buizennetwerk. Inmiddels heeft de overheid besloten Gasunie als staatsbezit los te laten: particuliere financiers kunnen zich melden.

Ook de Duitse energiegigant RWE die alle aandelen van Essent kocht en de Nederlandse publieke aandeelhouder daarvoor ruim 8 miljard euro betaalde, heeft al een aantal afboekingen op de overname moeten doen.

De Zweden beloofden in 2009 de aandelen Nuon in vier stappen over te nemen van de publieke eigenaren. Twee stappen zijn inmiddels gezet. Dit jaar kopen zij de derde tranche van de aandelen, in 2015 volgt het restant. Dankzij deze constructie konden de gemeenten en provincies hun eigen begrotingen soepeler aanpassen aan het wegvallen van de Nuon-dividenden. Adviseurs deelden mee in het feest. De Nederlandse adviesboetiek Sequoia, die voor de provinciale grootaandeelhouder Friesland werkte, verdiende bijvoorbeeld op basis van een no cure, no pay-contract 7 miljoen euro aan de verkoop.

Het grote geld dat in zulke transacties over tafel gaat is altijd verleidelijk. Kijk in het buitenland alleen maar naar zaken zoals de Duitse bankbestuurder Gerhard Gribkowsky die achtenhalf jaar cel kreeg omdat hij zich 44 miljoen dollar liet toestoppen bij de verkoop van de Formule 1-organisator. Kijk in Nederland naar de stroom affaires van (beweerde) fraude en omkoping in vastgoed, bij woningcorporaties, energiebedrijf Rendo en de rechtszaak tegen zakenman Joep van den Nieuwenhuyzen.

Als ondernemen overnemen is, wordt het dan ook: opkopers zijn omkopers?

De redacteuren Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze wisselcolumn over economische ontwikkelingen.