N-Korea: werkkamp Amerikaan

Noord-Korea heeft gisteren een Amerikaanse staatsburger veroordeeld tot vijftien jaar opsluiting in een werkkamp voor het uitvoeren van „vijandige daden” tegen het communistische land. Analisten denken dat de straf een poging van de Noord-Koreanen is om de Verenigde Staten te dwingen tot onderhandelingen – iets wat in eerdere soortgelijke gevallen is gebeurd.

Kenneth Bae, een christelijke reisleider, is zeker de zesde Amerikaan die sinds 2009 is opgepakt door de Noord-Koreanen. Zijn voorgangers werden gedeporteerd of vrijgelaten voordat ze hun straf hadden uitgezeten. Soms gebeurde dat na onderhandelingen met prominente Amerikanen, onder wie de oud-presidenten Bill Clinton en Jimmy Carter.

De verhoudingen tussen Amerika en Noord-Korea zijn de laatste tijd verder verslechterd na openlijke dreigementen vanuit Pyongyang voor een kernoorlog. De nieuwe leider Kim Jong-un, de zoon van de in 2011 overleden Kim Jong-il, zou in deze gespannen context uit zijn op onderhandelingen met de VS. „Noord-Korea gebruikt Bae als lokaas voor zo’n bezoek”, aldus Ahn Chan-il, directeur van een denktank in Zuid-Korea. „Het zou de statuur van Kim Jong-il vergroten.”

Een soortgelijke situatie speelde vier jaar geleden, in de tijd dat Noord-Korea een langeafstandsraket had afgeschoten en een ondergrondse nucleaire proef had uitgevoerd. Kort daarop werden twee Amerikaanse journalisten veroordeeld tot twaalf jaar gedwongen arbeid. De straf leidde tot gesprekken tussen de VS en Noord-Korea. (AP)