Marcel Gerri

De held van de troonwisseling was voor mij Gerri Eickhof. De journalist van het NOS Journaal die bekend werd met reportages uit conflictgebieden als Irak, Rwanda, Bosnië en Kosovo was door zijn baas voor het Centraal Station in Amsterdam geposteerd.

Journalistiek van de bovenste plank.

Hij kwam ieder uur wel een keer in beeld en meldde dan met een bloedserieus gezicht steeds hetzelfde: dat alles „rustig” en „volgens schema verliep” en dat de achterkant van het station was afgesloten. Op de achtergrond zag je de feestvierders de stad in- en uitdruppelen. Naarmate de avond vorderde in steeds beschonkener toestand.

Gerri: „Je ziet ook dat mensen zich hebben ingedronken, dus dat ze op de reis naar de hoofdstad toe al alcohol genuttigd hebben, maar alles verloopt gemoedelijk.” Hij sloot de lange dag tegen middernacht af met de mededeling dat er honderd schoonmakers klaar stonden om de stad na de feestelijkheden „schoon te vegen”.

Collega Herman van der Zandt had ook een kutklus. Die moest op het Museumplein, omgedoopt tot ‘Oranjeplein’, vertellen wie en wat er allemaal op het grote podium stonden. Achter hem de oranje massa, klappend en meezingend met maakt niet uit wat. Vaak met drie vingers in de lucht, het symbool van de W van Willem.

Een paar straten verderop maakte de eenmansactiegroep Joanna zich op voor haar tocht naar de Dam, een klus waarvan je wist dat Gerri er zijn hand voor had willen afstaan. Omringd door fotografen en camerateams vertrok Joanna kakelend richting plechtigheden, ze had nog geen idee wat ze op haar protestbordje ging schrijven met haar viltstift.

Ze koos uiteindelijk voor de tekst ‘Ik ben geen onderdaan’, waarvoor ze werd ingerekend en afgevoerd. Dat was natuurlijk belachelijk, wist ook Joanna. Zich totaal bewust van alle camera’s riep ze nog even „Noord-Korea” en „vreedzaam protest” en verdween daarna uit beeld.

Een paar uur later was ze terug.

Ze vertelde tegen een stuk of vijf cameraploegen dat ze monddood was gemaakt en dat haar arrestatie geen vergissing, maar een bewuste strategie van de politie was geweest. Het woord „dictatuur” viel.

Aan haar hoofd was te zien dat we voorlopig nog niet van Joanna af waren. Die ging nog veel vaker bordjes met teksten omhoog houden en onterecht gearresteerd worden, het liefst met een Gouden Koets in de buurt.

In een beetje dictatuur was Joanna al lang uit het vliegtuig gegooid, maar misschien is dat inmiddels gebeurd want we hebben al een paar uur niets van haar gehoord. Het zou fijn zijn als Gerri Eickhof dat mag uitzoeken.

    • Marcel van Roosmalen