denken@nrc.nl

Mensen in de psychiatrie zijn niet gek. Ze zijn ziek

vindt Marjolein Knijnenburg, docent Maatschappelijke Zorg en voorheen werkzaam in de psychiatrie

Graag wil ik reageren op het voorpagina-artikel in nrc.next van vorige week woensdag over het nieuwe handboek voor de psychiatrie DSM-5.

Op de voorpagina stond een kind afgebeeld met de kop ‘Dit kind is gek’. De term ‘gek’ wordt automatisch gekoppeld aan mensen in de psychiatrie. Terwijl de mensen en de medewerkers al zo lang proberen om dit vooroordeel weg te krijgen. De mensen zijn niet gek. Wel ziek.

Verder ben ik het wel eens met de inhoud van het artikel. Daarom pleit ik voor een goede diagnostiek door een (kinder-)psychiater of gezondheidszorgpsycholoog en niet door een juf en de huisarts. Want slechte diagnostiek gaat ten koste van de kinderen en volwassenen die wel ziek zijn.

Het architectonisch falen van het Rijksmuseum

schrijft Gerard Terborg uit Vinkeveen

De directeur van het Rijksmuseum, Wim Pijbes, stelt dat de onvindbaarheid van de ‘afdeling twintigste eeuw’ toe te schrijven is aan het „moeilijke gebouw” en de beruchte fietstunnel. De afdeling twintigste eeuw bevindt zich echter op de derde verdieping waar geen fietser zich waagt. Om duistere reden is deze afdeling gesplitst in twee vleugels, zonder onderlinge verbinding. Dat lijkt vooral te liggen aan architectonisch falen of aan falen van de museumdirectie.

Het Rijksmuseum telt vier lagen, waarvan er maar één wordt doorkruist door de fietstunnel. Toch kan de bezoeker alleen op de tweede verdieping een overzichtelijk rondje maken. Op de begane grond bijvoorbeeld, onder de fietstunnel nota bene, blokkeert de garderobe een normale rondgang. Die blokkade noopt de bezoeker eerst twee verdiepingen te stijgen om vervolgens weer af te dalen, of rechtsomkeert te maken. Dat is een keuze van architect of opdrachtgever geweest.

De fietstunnel is een folkloristische absurditeit en het is begrijpelijk dat de directie zich eraan ergert. Maar die toont zich een kinderachtige verliezer door architectonische onvolkomenheden die er niets mee te maken hebben, daaraan toe te schrijven. Die kinderachtigheid blijkt ook uit pogingen de doorgang alsnog te blokkeren, waardoor de aanpassing van het ontwerp, met alle daaraan verbonden kosten, voor niets geweest zou zijn.