'De kist van Hugo de Groot is er nog'

◯ Waar ◯ Grotendeels waar ◯ Half waar ◯ Grotendeels  onwaar ◯ Onwaar

De aanleiding

Museum Het Prinsenhof in Delft gaat de boekenkist van Hugo de Groot restaureren, meldde Omroep West afgelopen maand.

Maar wacht eens. Stond die kist niet in het vernieuwde Rijksmuseum? Dat schreven althans diverse kranten, waaronder Het Parool en nrc.next, eveneens vorige maand. De kist waarin de beroemde rechtsgeleerde op 22 maart 1621 ontsnapte uit Slot Loevestein en zo zijn levenslange gevangenisstraf ontdook, zou al decennia tot de collectie van het Rijks behoren.

En Slot Loevestein dan? Volgens meerdere weblogs staat de echte kist op Slot Loevestein. Genoeg dagjesmensen die dit, poserend voor de kist, kunnen bevestigen op internet.

Waar staat de boekenkist van Hugo de Groot? Next.checkt zocht het uit.

De kist van Slot Loevestein

„Deze is het zeker niet”, zegt Sunny Jansen, conservator van Slot Loevestein, waaruit Hugo de Groot na twee jaar gevangenschap ontsnapte. „Mensen die Loevestein bezoeken verwachten een kist, dus wij geven ze een kist. Maar het is niet de echte en dat zeggen we ook.”

De boekenkist van Slot Loevestein komt van de plaatselijke rommelmarkt en zou wel in de juiste periode zijn gemaakt – Hugo de Groot leefde van 1583 tot 1645.

De kist van Het Prinsenhof

In Delft, de geboorteplaats van Hugo de Groot, staat Het Prinsenhof, de plaats waar Prins Willem van Oranje sinds 1572 regelmatig verbleef en in 1584 door Balthasar Gerards werd vermoord – met de bekende kogelgaten nog in de muur. In 1925 kreeg Het Prinsenhof een schenking van barones Van Boetzelaer. Haar voorouder was gehuwd met een Graswinckel en een Graswinckel trouwde in 1623 met Willem de Groot, de broer van Hugo.

De schenking bestond uit bezit van familie De Groot, waaronder vele schilderijen en een boekenkist. ‘De enige echte’, beweerde de voormalig directeur van Het Prinsenhof in 2009.

Later is het museum daarop teruggekomen. Sterker, ook deze kist is het vrijwel zeker niet, zegt Anita Jansen, conservator van het museum. „Deze kist staat van alle exemplaren wellicht het dichtste bij de familie, maar het is niet de authentieke.” Willem de Groot, de broer van Hugo, was de bewuste boekenkist namelijk kwijtgeraakt. Omdat de kist van Het Prinsenhof nog tot het familiebezit behoorde, kan die dus feitelijk ‘de echte’ niet zijn. Blijkbaar had de familie meerdere transportkisten.

Het infobordje bij de boekenkist bevat inmiddels een disclaimer. Er staat alleen ‘komt uit familiebezit’. Het past in de trend dat ook musea steeds meer aan factchecking doen, zegt Peter Hofland, medewerker presentatie bij Het Prinsenhof. „Toeschrijving van echtheid werd tot een paar jaar geleden veel sneller en makkelijker gemaakt. De nieuwe, jongere generatie museummedewerkers vindt het belangrijker dan voorheen dat een voorwerp ook echt ís.” Musea ontkomen ook niet meer aan gedegen herkomstonderzoek sinds verbeterde technieken dat mogelijk maken.

De kist van het Rijksmuseum

De boekenkist in het Rijksmuseum is de grootste van de drie. Dat maakt aannemelijk dat de relatief lange Hugo (1.80 meter) deze kist heeft gebruikt. Maar ook op het infobordje van het Rijksmuseum staat alleen het cryptische ‘Lang is gedacht dat dit de kist was’. Dat staat er al sinds de jaren 90, zegt Gijs van der Ham, conservator geschiedenis van het Rijksmuseum.

Deze kist komt van de familie Daetselaer. De vrouw van Daetselaer hielp Hugo de Groot na zijn vlucht op 22 maart 1621 uit de kist in haar woning in Gorinchem. Het ligt voor de hand dat Hugo de Groot de kist daar achterliet voordat hij verder trok richting Antwerpen. Eind achttiende eeuw kocht Jacob Klinkhamer van de familie Daetselaer een kist die door hem en andere bewonderaars van Hugo de Groot tot ‘de kist’ werd bestempeld. Er was behoefte aan een kist om te vereren en dit exemplaar werd – net als die van Het Prinsenhof – een reliek met symbolische waarde.

Maar ook deze kist is vrijwel zeker niet de echte. Volgens kringen rond Hugo de Groot had Daetselaer de echte kist sowieso rond 1644 niet meer in bezit, zo blijkt uit brieven. Bovendien is het onmogelijk te bewijzen dat deze kist het wél is. Van der Ham: „DNA-onderzoek heeft geen nut. Je kunt hooguit onderzoeken hoe oud het hout is, maar dat zegt nog niets.”

Conclusie

Er duiken voortdurend boekenkisten op die ‘de enige echte’ zouden zijn, weet historicus Henk Nellen die in 2007 een biografie van Hugo de Groot publiceerde. Er zijn er zeker acht, negen. We willen nu eenmaal graag een tastbaar bewijs van een van de meest pakkende verhalen uit de zeventiende eeuw. Maar de waarheid is: de kist is kwijt.

Dat bleek al uit de tientallen brieven die Hugo de Groot hierover stuurde vanuit Parijs aan zijn broer Willem in Den Haag, te vinden bij het Huygens Instituut. In 1644 verzocht Hugo zijn broer de kist te tonen aan een nieuwsgierige edelman die over het ontsnappingsverhaal had gehoord. Toen Willem antwoordde dat de kist onvindbaar was, werd Hugo boos. „Ik wil niet dat dit bewijs van Gods goedgunstigheid verloren gaat. Die kist is toch niet ten hemel opgestegen?” Willem deed een verwoedde poging, maar de kist bleef onvindbaar. We beoordelen de bewering dat de kist er nog is als ongefundeerd.