Critici over Hannah Arendt: mooie lofzang maar er zit veel meer in

One of the guys, strijdbaar en autonoom; zo wordt Hannah Arendt neergezet in de film over deze Joods-Duitse filosofe volgens de critici, maar zij zien in de film te weinig van de inhoud van haar ideeën en de controverse daar omheen. Lees hier een overzicht van de krantenrecensies, waarin de film steevast drie sterren krijgt.

De Duitse film concentreert zich op de bekendste periode uit het leven van Arendt, gespeeld door Barbara Sukowa: haar niet onomstreden en invloedrijke verslag van de zaak-Eichmann voor het Amerikaanse tijdschrift The New Yorker. Dit werd uiteindelijk haar boek ‘Eichmann in Jeruzalem’.

In de rechtszaal in Jeruzalem zien we hoe ze luistert naar het verhoor van Eichmann, daar omheen volgen we haar gesprekken met vrienden en collega’s in New York over de zaak en zien we hoe het verzet en de bedreigingen tegen Arendt steeds verder toenemen.

Arendt verandert van gerespecteerde denker in een soort staatsvijand als ze het, in de ogen van veel Joden, voor Eichmann opneemt in haar stukken. Ze schrijft dat hij geen antisemiet was, maar een man die slechts bevelen uitvoerde.

Trouw: ‘er zit nog veel meer drama in’

Jann Ruyters noemt de film in zijn recensie voor Trouw ‘niet veel meer dan een Arendt voor beginners’:

“Veel meer dan een net verslag, een Arendt voor beginners, heeft Von Trotta niet te bieden. Ze doet haar best van de filosofe ook een echte vrouw te maken, een die veel knuffelt met haar echtgenoot, bekvecht met haar beste vriendin.

Maar veel blijft duister voor de kijker die niet is ingevoerd in Arendts entourage: Mary McCarthy, Martin Heidegger, hoofdredacteur William Shawn van de New Yorker. In potentie allemaal prachtige personages, maar in deze film alleen decor, goed voor wat oneliners. Daar zit nog veel meer drama in. “

NRC: ‘Simplistische maar verfrissende lofzang’

Peter de Bruijn velt in NRC een vergelijkbaar oordeel. Deze film als schets van een joods-intellectueel milieu in New York met een vleugje van het stijlgevoel van Mad Men:

“Deze film laat weliswaar goed de woede en de opwinding zien die Arendt met haar artikelenreeks over het Eichmann-proces teweegbracht, maar de film gaat nauwelijks in op de inhoud van de controverse. We zien een moedig denker die tegen de stroom in gaat. Naar buiten toe stoïcijns, binnenskamers een liefhebbende vrouw voor haar man, en – in kitscherige flashbacks – haar leermeester en minnaar Heidegger. [...]

Als schets van een joods-intellectueel milieu in New York, met een vleugje van het stijlgevoel van Mad Men, en als simplistische, maar verfrissende lofzang op de vrije geest, is Hannah Arendt geslaagd. Als het om de inhoud van de ideeën gaat blijft de kijker met lege handen achter.”

VK: ‘een uitnodiging’

De Volkskrant is er kort over, en ziet de film als uitnodiging om ons meer in Arendt te verdiepen:

“De film slaagt vooral als instapfilm voor diegenen die minder bekend zijn met Arendt: een uitnodiging om haar werk eens nader te beschouwen.”

Parool: leerzaam, maar je voelt er niets bij

Mike Peek lijkt zich in Het Parool bij de hierboven geciteerde collega’s aan te sluiten, maar benadrukt daarnaast dat de film visueel nauwelijks interessanter is dan een powerpointpresentatie:

“Von Trotta doet veel concessies om de historische achtergronden goed te kunnen duiden. Arendt en haar man Heinrich Blücher (Axel Milberg) lijken continu gesprekken te voeren met de kijker. Als alledaagse dialogen zijn hun onderonsjes, waarin ze veel feitjes debiteren, in elk geval tenenkrommend ongeloofwaardig. Arendt wordt daardoor nauwelijks meer dan de som van haar opvattingen.

Terwijl er in haar privéleven toch genoeg interessants gebeurde. Arendts liefdesrelatie met filosoof Martin Heidegger, die zich in 1933 achter het nazisme schaarde, maar met wie ze haar leven lang contact hield, komt slechts in korte en weinigzeggende flashbacks aan bod. Daar laat Von Trotta een prachtige kans liggen om door Arendts academische schild te breken. Hannah Arendt is Schooltv voor volwassenen: je wordt er wel wijzer van, maar voelt er niets bij.”

    • Annemarie Coevert