Amsterdamse lantaarnpaal weer plas-proof

Geëlektrocuteerd // Kortsluiting werd een hond 10 jaar geleden fataal Daarom werden 10.000 lantaarnpalen aangepast

Nederland, Amsterdam, 01-05-2013. Lantaanpaal op de kruising Posjeskade en Curacaostraat in Amsterdam waar een hond door een electrische schok van de paal (foute bedrading oid) is overleden. Deze hond, een 6-jarige labrador,   liep op een februaridag in 2003 langs  een lantaarnpaal in Amsterdam- West. De besneeuwde grond rond de  paal stond onder stroom na kortsluiting Foto: Olivier Middendorp

Netbeheerder in Amsterdam Liander heeft sinds 2010 circa 10.000 lantaarnpalen in de stad aangepast wegens schokgevaar bij kortsluiting. Dit na een bindende aanwijzing van Autoriteit Consument en Markt (ACM, voorheen de NMA). Aanleiding: een tien jaar geleden geëlektrocuteerde hond.

Deze hond, een 6-jarige labrador, liep op een februaridag in 2003 langs een lantaarnpaal in Amsterdam-West. De besneeuwde grond rond de paal stond onder stroom na kortsluiting. De hond overleefde de stroomschok niet.

Jarenlange ruzie over verantwoordelijkheid

Het ongeluk legde zwaktes bloot in het Amsterdamse elektriciteitsnet. In de meeste gemeenten bevindt zich alleen spanning in lantaarnpalen als de lampen branden. De schakelaar – het knopje om het licht aan te zetten – bevindt zich namelijk meestal buiten de palen, aan het begin van een aparte laagspanningkabel. Zo niet in Amsterdam. Daar zitten de schakelaars in de palen zelf. Er is in die palen daardoor constante netspanning aanwezig, óók als de lamp uitstaat.

Een paal zónder constante spanning is uiteraard veiliger, maar gevaarlijk is deze Amsterdamse ‘netconfiguratie’ op zich niet. Ook niet als er kortsluiting optreedt en er elektrische spanning buiten de stroomdraden en in de metalen paal zelf terechtkomt. Het gevaar bij kortsluiting ontstaat pas, als die spanning vervolgens niet snel genoeg wordt afgeschakeld.

En juist dat snelle afschakelen is in Amsterdam een probleem: de aarding is er namelijk gebrekkig – de stoppen slaan bij kortsluiting niet meteen door. Een paal onder stroom blijft dus net iets te lang een paal onder stroom, zoals de labrador heeft ondervonden.

Dit veiligheidsprobleem was al bekend in 2003. Maar na de elektrocutie van de hond begon een zich jarenlang voortslepende ruzie tussen de gemeente Amsterdam en de netbeheerder, toen nog Continuon. Wie was er verantwoordelijk voor veilige aarding van de lantaarnpalen? Beide partijen wezen naar elkaar.

116.000 lantaarnpalen nalopen

Gemeente Amsterdam schakelde de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMA) in, die de netbeheerder kon dwingen aanpassingen te doen. De NMA concludeerde in 2007 dat Continuon níet verantwoordelijk was, maar herriep dat standpunt in 2010, na nieuw onderzoek. Jawel, de netbeheerder, inmiddels omgedoopt van Continuon tot Liander, was wel degelijk verantwoordelijk.

Het was tijd voor actie, zeven jaar na de elektrocutie van de labrador. De NMA verplichtte Liander om vóór eind 2013 alle 116.000 Amsterdamse lantaarnpalen na te lopen. Palen die bij kortsluiting niet binnen vijf seconden zouden afschakelen, moesten worden aangepakt. Allereerst werden lantaarnpalen gecontroleerd in gebieden met een ‘verhoogd risico’ zoals pleinen, speeltuinen en parken. Daarna de andere palen. Inmiddels is het merendeel gecontroleerd. Liander heeft zo’n 10.000 palen aangepast, de rest voldeed aan de eisen. Kosten van de operatie: zeker 3 miljoen euro, voor rekening van Liander.

Sinds 2003 hebben zich geen nieuwe ongevallen voorgedaan, meldt de gemeente. Het risico op een stroomschok of elektrocutie is al die tijd „zeer gering” geweest. Zelfs zo gering dat eigenlijk te spreken is over een veilige situatie, zegt Liander op basis van onderzoek van een onafhankelijk kennisinstituut. En die labrador dan? De woordvoerder van Liander: „In onze optiek was die hond gewoon een enorme pechvogel.”