Het jubeljaar begint

Terwijl op het Museumplein in Amsterdam een deinende meute met oranje mutsen zich aan jolijt overgaf, bereidde achter hun rug het Van Gogh Museum zich voor op een feestelijke gebeurtenis van geheel andere aard.

Na zeven maanden is het veertig jaar oude museum vandaag weer opengegaan. De jubileumtentoonstelling Van Gogh aan het werk is er, naast de vaste collectie aan schilderijen, tot en met 18 januari te zien. Zij is het resultaat van acht jaar onderzoek naar de werkwijze, de techniek en het materiaalgebruik van Vincent van Gogh (1853-1890).

Het bijzondere van de renovatie van het Van Gogh Museum, noodzakelijk om aan de eisen van brandveiligheid te voldoen, was dat de werkzaamheden binnen het budget zijn gebleven en op tijd zijn voltooid. Dat benadrukte althans de nieuwe zakelijk directeur van het Van Gogh, Adriaan Dönszelmann, vorige maand.

Een museum in Amsterdam, speciaal een museum aan het Museumplein dat zijn verbouwing binnen de schema’s weet af te ronden, dat mag inderdaad als nieuws worden beschouwd. Het Stedelijk Museum en het Rijksmuseum waren eerder voorbeelden van het volstrekte tegendeel van een vlekkeloze planning.

De heropening van het Van Gogh Museum sluit een treurige periode af, waarin het Museumplein en Amsterdam een deel van hun culturele allure verloren. Het jaar 2013 zou het jaar worden van de glorieuze wederopstanding, maar dat ging dus al meteen mis, toen bleek dat het Van Gogh voor voor maanden op slot moest.

Het had daarna voor de hand gelegen dat de meesterwerken van Van Gogh tijdelijk een plaats hadden gekregen in de naburige musea. Maar ze moesten uitwijken naar de Hermitage.

Het ‘jubeljaar 2013’ krijgt dus een verlate start. Na de heropening van het Stedelijk Museum in 2012 en van het Rijksmuseum vorige maand, is het vandaag voor het eerst sinds tien jaar dat de drie musea aan het Museumplein alle weer geopend zijn.

Hopelijk voeren ze hun voornemen uit om hun samenwerking te intensiveren. Het Museumplein mag dan éénmaal per jaar het toneel zijn waarop André Rieu, André van Duin en andere artiesten hun muzikale talenten ten gehore mogen brengen, voor het overige hoort het plein, met ook het jubilerende Concertgebouworkest, te fungeren als het culturele visitekaartje van de hoofdstad van Nederland.

Dat is ook een economisch belang. De wereldberoemde collecties van de musea trekken jaarlijks miljoenen buitenlandse toeristen. Ook het vestigingsklimaat van Amsterdam voor bedrijven is gebaat bij attractieve culturele instellingen. Laat het jubeljaar dus maar beginnen. Eindelijk.