Een foutloze start

Wat brengt ons de nieuwe Koning? Te oordelen naar zijn toespraak in de Nieuwe Kerk gisteren, iemand die de democratie wil ‘onderhouden’ en het vertrouwen van de burger in de overheid wil helpen herstellen. Hij ziet zichzelf als symbool van wat Nederland bindt en wil dat bevorderen. Als nationale eigenschappen somt hij vindingrijkheid, ijver en openheid op. Die zijn volgens hem „al eeuwen” onze kracht. Dat is misschien een wat rozige blik op de vaderlandse geschiedenis, waarin ook perioden van stilstand en inkeer voorkwamen. Of dreigen, zoals nu.

Willem-Alexander bewondert vooral landgenoten die grenzen weten te verleggen. In zijn cortège liepen daarom symbolisch een ruimtevaarder, een wetenschapper, een olympisch kampioen, een bevelhebber en een topdiplomaat mee, als ‘heraut’ van zijn aankomst. En dus geen koopman en ook geen dominee, eveneens nationale symbolen, maar dan van welvaart en religie. Het staatshoofd ziet echter meer heil in individuele prestaties: to be all you can be.

In deze Kennedy-achtige ambitie past ook zijn accent op een klassenloze, meer egalitaire samenleving waarin afkomst geen rol speelt. Iedereen, „waar onze wieg ook stond”, mag in het Koninkrijk der Nederlanden zijn stem laten horen en op voet van gelijkwaardigheid „méébouwen” aan de toekomst, zei de nieuwe Koning tegen de beide Kamers van de Staten-Generaal. Zijn koningschap sluit dus migranten en moslims met nadruk in – goed om nog eens te vertellen aan de Staten-Generaal waarin ook geheel andere sentimenten leven.

Ook over de relatie tussen burger en overheid gaf Willem-Alexander advies. Een democratie bestaat alleen als overheid en burger elkaar vertrouwen. „Alle publieke ambtsdragers, of ze nu gekozen zijn, benoemd of aangewezen, hebben aan dat vertrouwen hun bijdrage te leveren. Zó wordt de democratie onderhouden.” Daarmee sprak hij behalve de politieke macht ook zichzelf en de leden van het Koninklijk Huis toe. Hij presenteerde tevens een maatstaf voor de toekomst.

Het nieuwe staatshoofd ziet zijn taak, terecht, als bescheiden en dienstbaar. Met een verwijzing naar het Plakkaat van Verlatinghe uit 1581, de Nederlandse onafhankelijkheidsverklaring van Filips II, toonde hij zich thuis te voelen in een republiek met een erfelijk vorst aan het hoofd. Zo karakteriseerde zijn vader, prins Claus ooit ons staatskundig bestel. De nieuwe Koning voelt een eigen verantwoordelijkheid om te verbinden, te vertegenwoordigen en te signaleren, maar ook om de democratie te ‘onderhouden’. Zolang daarin geen eigen agenda schuilgaat, is daar niets op tegen. De nieuwe Koning maakte een foutloze start.