Gepamper is ook voor ouderen niet goed

Ouderen worden bij slecht functioneren gedoogd, maar raken ook geïsoleerd. Ook zij hebben dus baat bij een flexibele arbeidsmarkt, stelt Sandra Phlippen.

Een duurzame arbeidsmarkt is een flexibele arbeidsmarkt, met veel mobiliteit zodat mensen zo snel mogelijk op de juiste werkplek komen gedurende hun hele werkzame leven. Het is niet baanzekerheid maar werkzekerheid waar we naar streven. Even een paar maanden werkloos zijn is helemaal niet zo erg, als je maar weet dat je daarna weer iets nieuws vindt.

Hier is iedereen het over eens. Toch worden ook met het onlangs gesloten sociaal akkoord weer groepen op de arbeidsmarkt ontzien bij de nodige maatregelen voor meer flexibiliteit. Vooral de oudere werknemers worden ontzien. Zo is de ontslagvergoeding, tegenwoordig een transitiebudget voor opleiding, drie keer hoger voor ouderen dan voor anderen. Terwijl de meeste werknemers eenderde maandsalaris per gewerkt dienstjaar ontvangen, krijgen ouderen het drievoudige per gewerkt jaar. Daarbij hebben ouderen veel meer dienstjaren op hun conto, waardoor het verschil in transitiebudget flink aantikt. Waarom? Is het omscholen van ouderen zoveel duurder? Of is dit budget bedoeld om de werkgever te weerhouden van het ontslaan van ouderen? Dat zou namelijk bijdragen aan de gangbare praktijk op de werkvloer: ouderen worden bij niet goed functioneren vooral gedoogd en jongeren worden vooral ontslagen. Dit blijkt uit een onderzoek van het NIDI naar de perceptie van werkgevers over oudere werknemers.

Het is maar zeer de vraag of oudere werknemers uiteindelijk blij moeten zijn met het continue gepamper. Taakverlichting en meer verlofuren leiden vanuit de werkgever gezien vooral tot minder inzetbaarheid. De direct leidinggevende kan deze gemiste uren lang niet altijd met gelijkwaardige arbeidskrachten opvullen, wat tot een hogere werkdruk voor de anderen kan leiden. We denken van oudere werknemers wel dat zij prima zitten waar ze zitten met een door senioriteit tot grote hoogte gestegen uurloon. Maar als ze daarmee als last worden ervaren zitten ook deze ouderen niet lekker. In bijna een op de tien gevallen wordt een oudere werknemer die niet functioneert geïsoleerd op de werkvloer. Dat moet vreselijk zijn. Maar je baan opzeggen is niet snel een optie; de kans op nieuw werk binnen afzienbare tijd is extreem laag. Werkgevers zijn überhaupt nogal negatief over de productiviteit van ouderen, aldus het NIDI. Zo verwachten zij bij een aanzienlijke stijging van ouderen in hun personeelsbestand vooral veel kostenstijging en geen productiviteitsstijging.

Waar zijn we precies zo bang voor als ook ouderen volwaardig meedraaien in een flexibele arbeidsmarkt? Is het de angst dat een soepeler ontslagrecht tot een ontslaggolf onder ouderen zal leiden, omdat werkgevers hen als minder productief ervaren? Het is niet onwaarschijnlijk dat meer ouderen de WW in zullen stromen – maar dat is niet het enige waar het om gaat. Het gaat ook om de kans dat ze daarna weer aan de slag kunnen in een andere baan. De huidige rigide arbeidsmarkt voorkomt dat ouderen ontslagen worden, maar ook dat ontslagen ouderen weer iets nieuws vinden.

Het goede nieuws is dat de werkhervattingskansen van ouderen al tien jaar lang aan het toenemen zijn. Deels komt dit doordat zij steeds gezonder en hoger opgeleid zijn en doordat doorwerken steeds meer de norm wordt. Laten we dus eens ophouden met het als kwetsbaar wegzetten van ouderen.

Het is zeker niet ondenkbaar dat de ontslagkans samen met de werkhervattingskans van ouderen zal toenemen. Dat is goed voor de mobiliteit, maar er is meer. De arbeidsmarktpositie van ouderen zal daarmee namelijk veel meer gaan lijken op die van jongeren. Geen slecht gegeven voor de broodnodige solidariteit tussen generaties.

Een andere rigiditeit die het belet dat de oudere op waarde geschat wordt, is het grote verschil tussen wat een oudere verdient en produceert (het zogenaamde productivity wage gap). Een werknemer die verdient wat hij bijdraagt wordt veel meer op waarde geschat – en niet alleen in monetaire zin. Werkgevers zien namelijk heel duidelijk dat oudere werknemers vaardigheden bezitten die jongeren niet bezitten en andersom. Zo zijn ouderen vooral nauwkeurig, betrouwbaar, betrokken, mentaal belastbaar, en klantgericht. Toch zeker niet de minste kwaliteiten in een diensteneconomie als de onze.

Een mooi voorbeeld van de oudere van nu werd vorige week tijdens de generatietop door Marieke van der Waal (directeur Leyden Academy) aangehaald: een concertpianist die tot op zeer hoge leeftijd met succes bleef optreden. Zijn geheim: beperk je repertoire, oefen daarin meer en vertraag je langzame spel zodat het contrast met je snelle tonen op orde blijft.

Sandra Phlippen is hoofdredacteur van het economenblad ESB.