Is je baas labiel? Pas op met kritiek

Kritiek uiten // Wie geen machtige positie heeft, vindt kritiek altijd moeilijk Net als emotioneel instabiele bazen Dat is onlangs onderzocht

Wie kritiek wil geven op zijn baas, moet uitkijken het ego van die baas niet te beschadigen. Want de kans is dan groot dat de baas zijn woede tegen de kritiekgever richt. Dat blijkt uit promotieonderzoek van arbeidspsycholoog Jana Niemann, die donderdag aan de Rijksuniversiteit Groningen promoveerde. Niemann deed onderzoek naar de manier waarop men op de werkvloer met kritiek omgaat, en door welke factoren dat wordt bepaald.

Bij mensen met macht, zoals leidinggevenden, is de persoonlijkheid van grote invloed op de manier waarop ze met kritiek omgaan, concludeert Niemann. „Machtige mensen die emotioneel instabiel zijn, kunnen helemaal niet tegen kritiek”, zegt ze. Emotioneel instabiele mensen maken zich snel zorgen, piekeren veel en reageren emotioneel op stress-situaties. „Kritiek tast hun zelfbeeld aan. Ze voelen allerlei negatieve emoties en zijn meer dáár mee bezig dan met de inhoud van de kritiek. Ze worden boos op degene die hun kritiek gaf en beoordelen hem als onaardig en incompetent. De kritiek leggen ze vervolgens naast zich neer.”

Mensen die geen machtige positie hebben, vinden het gewoon altijd moeilijk om met kritiek om te gaan – ongeacht hun persoonlijkheid. „Waarschijnlijk komt dat doordat deze werknemers in een afhankelijke positie zitten, kritiek betekent daarom voor hen al snel een bedreiging. Ze zijn bang voor consequenties voor hun baanzekerheid, hun salaris, vakantiedagen en promotiekansen”, verklaart Niemann. „Wie machtig is, heeft zelf de controle over dat soort zaken en hoeft zich dus minder zorgen te maken over mogelijke consequenties. De persoonlijkheid heeft daardoor meer ruimte om tot uiting te komen. Hoe machtiger de persoon, hoe meer emotionele stabiliteit een rol speelt.”

Het helpt om dit soort machtige, maar emotioneel instabiele personen met fluwelen handschoentjes aan te pakken, blijkt uit Niemanns onderzoek. Als de kritiek niet recht voor zijn raap komt, maar ‘mooi verpakt’, brengt dit minder negatieve emoties teweeg. De baas wordt dan minder boos. De kans is daardoor kleiner dat hij de kritiek naast zich neer zal leggen. „De truc is het indirect te brengen. Niet zeggen: ‘Dat was een slechte presentatie’, maar: ‘Het is heel moeilijk om een goede presentatie te geven’. Zo toon je respect voor de ander, omdat je moeite doet hem niet te kwetsen. Het ego wordt zo minder bedreigd.”

Ook de zogenaamde sandwichmethode zou soelaas kunnen bieden. „Zeg eerst iets positiefs, vertel dan de kritiek, en vervolgens weer iets positiefs”, zegt Niemann. „Zo wordt de aantasting van het zelfbeeld een beetje gecompenseerd met een zelfbeeldboost.”

Die voorzichtige aanpak heeft bij werknemers met weinig macht echter nauwelijks effect. „Waarschijnlijk zorgt hun afhankelijke positie ervoor dat ze voor alle soorten bedreiging gevoelig zijn – direct of indirect”, zegt Niemann. „Als je deze werknemers kritiek wil geven, zou je dus heel duidelijk moeten maken dat de kritiek is bedoeld om van te leren en verder geen gevolgen heeft voor de positie van de werknemer.”