De dreigingen worden steeds ingewikkelder

De politie nam een dreigement serieus: alle middelbare scholen en mbo’s in Leiden gingen dicht Hoe komt de politie erachter dat zo’n dreigement is geuit? Ze lopen permanent achter de feiten aan

Hoe creëer je complete chaos? Een bericht van zeven zinnen op een internetforum is genoeg.

‘Morgen schiet ik mijn leraar neer en zo veel studenten als ik kan. Het zal op het journaal komen morgen. Het is een school in een Nederlandse stad genaamd Leiden. Voor meer bewijs: ik ga een 9mm Colt Defender gebruiken. Ik heb een briefje bij me wanneer ik de school binnenga waarop staat uitgelegd waarom ik dit deed. Als de boodschap op het briefje niet wordt gepubliceerd, zal een vriend van me deze een dag later op 4chan zetten. Oh, en ik gebruik een proxy; de politie gaat me niet voor morgen vinden.’

Een oud-leerling van de British School in Voorschoten plaatste dit bericht zondag anoniem op het Amerikaanse internetforum 4chan.org. Gisteren werd een minderjarige verdachte opgepakt. De leerling was een jaar geleden van school gestuurd vanwege ‘wangedrag’. Na een tip van de Zwitserse politie besloot de politie in Leiden zondag „gezien de ernst van de dreiging geen enkel risico te nemen”. Alle voortgezet onderwijs- en mbo-scholen gingen dicht. Vandaag, als de scholen weer opengaan, zijn gewapende agenten op de scholen aanwezig.

„Een duivels dilemma” noemde Henri Lenferink, burgemeester van Leiden, die beslissing. Maar, zei hij: „Wie durft het risico te nemen?”

Niemand.

Na de rellen in Haren hebben we liever een burgemeester die overdreven reageert, dan een burgemeester die een dreiging onderschat. En dus deed de ordehandhaving wat van hen werd verwacht.

Gemakkelijk zal het niet zijn geweest. Want dreigingen worden ingewikkelder en ingewikkelder. Nu de bommeldingen per telefoon en dreigbrieven met uitgeknipte tijdschriftletters iets zijn van de vorige eeuw, heeft de politie een heel scala aan nieuwe uitdagingen erbij gekregen. Want hoe vind je dreigementen of aanwijzingen voor aanslagen in de onophoudelijke en nooit opdrogende stroom internetberichten? Hoe scheid je tussen al die tweets, Facebookberichten en posts op internetfora de ‘grappen’ van de serieuze dreigingen?

Serieuze dreiging: 5-10 keer per jaar

Hoe vaak dreigingen op internet voorkomen, is moeilijk te zeggen. De Nederlandse politie en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding zijn terughoudend in hun reacties. Uit angst voor kopieergedrag.

Vijf à tien keer per jaar rukt de politie uit vanwege een dreigbericht op internet „zoals gisteren”, wil een woordvoerder nog wel kwijt.

Uit uitspraken op rechtspraak.nl blijkt dat 4chan al drie keer eerder werd gebruikt om een school shooting op een Nederlandse school aan te kondigen: in Breda, Den Haag en Rotterdam. Die berichten stammen uit voorjaar 2009, de nadagen van de grote schietpartij op de Albertville-Realschule in het Duitse Winnenden, die aan 16 mensen het leven kostte. In alle drie de gevallen werden de dreigers getraceerd met hulp van de beheerder van 4chan.org. De eerste twee werden veroordeeld tot 120 uur taakstraf en twee maanden voorwaardelijk, de derde kreeg een boete van 250 euro opgelegd en zes maanden voorwaardelijk.

De drie hadden dezelfde verdediging: we bedoelden het niet zo. Ze verwezen naar de disclaimer van de site: „The stories and information posted here are artistic works of fiction and falsehood. Only a fool would take anything posted here as fact.” Of, zoals de Haagse verdachte in de rechtszaal parafraseerde: „Het is allemaal fictieve bullshit die iedereen daar neerplempt.” Ook gisteren bleek de dreiging minder heftig dan eerder werd ingeschat, liet de burgemeester weten.

In geen enkele van de vier gevallen werd de dreiging op 4chan door de Nederlandse politie ontdekt: het waren altijd derden die de politie inlichtten. Helemaal onlogisch is dat niet: een internetforum als 4chan is een digitale vrijplaats en geënt op anonimiteit.

Doodsbedreiging: 10 keer per dag

Twitter is wat dat betreft een stuk makkelijker doorzoekbaar. Ook zijn er meer cijfers beschikbaar. Het Openbaar Ministerie stelde vorig jaar 113 keer een onderzoek in naar politici die ernstige bedreigingen ontvingen, vooral via Twitter. Bedreigingen, vooral geuit door minderjarigen, die vaak ‘ondoordacht’ hun berichten plaatsen en zich niet realiseren dat de politie meeleest.

Het Internet Research Netwerk (iRN) van de politie, dat samenwerkt met onderzoeksinstituut TNO, ziet elke dag tussen de drie en vijf miljoen Nederlandse tweets voorbijkomen. Elke dag worden daar tien doodsbedreigingen ontdekt, zegt Mark van Staalduinen van het iRN. De zoekmodellen van het iRN draaien „full speed” op zoek naar potentieel gevaar rond de inhuldiging van volgende week.

Daarnaast heeft de politie begin 2011 het Open Source Intelligence Team ingesteld: tien mensen die continu het internet afstruinen op zoek naar dreigingen. Hun software markeert dagelijks zo’n 35.000 tweets die enige vorm van dreiging in zich dragen – waarvan het leeuwendeel overigens niet serieus.

Het zoeken naar dreigingen gaat met hulp van ingewikkelde softwaremodellen. Ze grazen automatisch het internet af op zoek naar dreigende taal of combinaties van woorden. Inmiddels is het ook mogelijk om in videobeelden te zoeken: zo is de software in staat bijvoorbeeld explosies te herkennen. „In de toekomst hopen we ook tijdig te kunnen zien of bepaalde mensen steeds radicalere teksten plaatsen”, zegt Van Staalduinen van het iRN. „Verbanden tussen groepen in kaart brengen en de leiders in beeld krijgen, zonder dat we zelf alle fora moeten lezen.”

Maar voorlopig is het nog vooral zoeken naar spelden in de digitale hooiberg. Twitter gaat nog wel: dat is openbare informatie, die niet is afgeschermd. Maar hoe kijk je in besloten Facebookgroepen? En op anonieme internetfora, zoals 4chan.org?

De Nederlandse politie heeft de laatste jaren veel geïnvesteerd op het gebied van ICT en veiligheid. Volgens de Nijmeegse hoogleraar computerbeveiliging Bart Jacobs loopt Nederland technisch „zeker niet achter op andere landen”.

Toch loopt de politie permanent achter de feiten aan. Wetgeving is daarvan een oorzaak: die is volgens Van Staalduinen van het iRN toe aan een hoognodige update. „Het is op dit moment veel te vaak een grijs gebied hoe ver we mogen gaan met observeren op internet. Die klacht hoor ik regelmatig van de politie. In sommige andere landen mag meer dan in Nederland.” Of dat ook de reden is dat de politie van hun Zwitserse collega’s moet vernemen van een dreiging tegen een Nederlandse school, weet hij niet.

Ook de snelheid waarmee internet zich ontwikkelt, is voor de politie niet eenvoudig. „Eerst zat iedereen op Hyves, toen gingen ze naar Facebook. Na Haren verplaatste het zich weer van Facebook naar afgesloten Whatsapp-groepen. Waar ze volgend jaar zitten weten we niet. We kunnen het amper bijbenen”, zegt Van Staalduinen.

„Het is vissen in een volle vijver, zei een politieman tegen me”, besluit hij. „We proberen de ergste vissen eruit te halen.”