Ontroerend warme 'Die Walküre'

Opera

Die Walküre van R. Wagner door De Ned. Opera/Ned. Philh. Orkest o.l.v. Hartmut Haenchen. 20/4 Muziektheater A’dam. Aldaar t/m 12 mei. Info: www.dno.nl; radio4.nl/operalive****

Met het naderen van Wagners 200ste sterfdag (22 mei) piekt ook de hoeveelheid Wagner in de muziekagenda. Nu al; met de herneming van Die Walküre in de regie van Pierre Audi. En volgende maand met een Fliegende Hollander (concertant) bij het Concertgebouworkest en een Wagner-avond bij het Residentie Orkest.

De Amsterdamse Wagner-cyclus behoeft geen krans meer: de grootse en nog steeds adembenemende ‘design’-Ring die regisseur Audi en decorontwerper George Tsypin halverwege de jaren negentig ontwikkelden werd tweemaal hernomen en gaat als cyclus voor het laatst in het aankomend seizoen.

In het geval van Die Walküre heeft een verweerd patina iets toegevoegd aan de tijdloze uitstraling van het decor. De grote, de zaal instekende jaarringen van de ‘wereld-es’ (symbool van de kosmos) zijn verbleekt en kraken een beetje. Van de oude cast resteert Doris Soffel (64) als charismatische Fricka; haar muziektheatrale présence is voorbij mooi of lelijk.

Delen uit Die Walküre (akte 1) werden vorige week nog briljant gezongen door Eva-Maria Westbroek. Hier was Catherine Naglestad een veel lichtere maar fraaie Sieglinde, wier ‘glisserende’ manier van intoneren in de eerste akte wat stoorde. Christopher Ventriss (Siegmund) is een aangenaam getimbreerde powerzanger met wat moeizame Duitse dictie.

Naast de ruwe, boomlange Hunding van Günther Groissböck zijn de opvallendste nieuwkomers Thomas J. Mayer (Wotan) en Catherine Foster als imponerend ongedwongen zingende Brunnhilde.

In verhouding tot zijn voorgangers, is Mayer een jonge Wotan. Soms staan zijn fitte tred en braamloze geluid de bezongen levensmoede en vadervertwijfeling in de weg, maar vocale schoonheid compenseert veel.

Grootste troef is het orkest onder Hartmut Haenchen. Haenchens Wagner, in jaren gerijpt, is er een vol details, verticale helderheid en subtiele tempowisselingen die de spanning optimaliseren. Onvergetelijk is de orkestrale gloed bij Wotans afscheid van Brünnhilde: van een zielsontroerende warmte en intensiteit.