Tegen ouders die je kent kan geen diploma op

Kinderopvang // Vandaag wordt gestemd over een wet die crèchemedewerkers verplicht een diploma te hebben Dat is funest voor zeven ouderparticipatiecrèches Ouders vinden die vorm juist veilig

DENHAAG:13NOV2003 Kinderdagverblijf 'Tinkelbel'. FOTO ROEL ROZENBURG
DENHAAG:13NOV2003 Kinderdagverblijf 'Tinkelbel'. FOTO ROEL ROZENBURG

„Een diploma om mijn eigen kind op te voeden? Dat is toch te gek voor woorden!” Vader Mike Platenkamp zit in de huiskamer van ouderparticipatiecrèche De Villa in Utrecht. Een hoge ruimte, met grote ramen die uitkijken op een tuin waar speeltoestellen verloren in de regen staan. In de hoek zijn kinderen op schoot geklommen van een moeder die een verhaal over een grote gouden onderbroek voorleest. Platenkamp, aan tafel: „Wij passen op onze eigen kinderen, en op de kinderen van mensen die we echt goed kennen. Er heerst hier groot verantwoordelijkheidsgevoel en sociale controle. Daar kan geen diploma tegenop.”

De ouders van de ouderparticipatiecrèche (OPC) maken zich zorgen. Ze zijn niet gediplomeerd en het kabinet stemt vandaag over een wet die onder meer verplicht enkel gediplomeerde krachten op de crèche te hebben. De wijzigingen op de Wet Kinderopvang zijn bedoeld om crèches veiliger te maken, en vinden hun oorsprong in het misbruik van kinderen door Robert M. op het Hofnarretje. Minister Asscher (Sociale Zaken, PvdA) neemt, anders dan werd verwacht, in deze wet geen beslissing over de wettelijke positie van OPC’s. Hij wil de huidige gedoogsituatie, waarbij ouderparticipatiecrèches niet aan de opleidingseisen hoeven te voldoen, verlengen tot eind dit jaar. Zo heeft hij meer tijd om te onderzoeken hoe de kwaliteit in dit type kinderopvang gewaarborgd kan worden.

Kamerleden Steven van Weyenberg (D66) en Sybrand van Haersma Buma (CDA) vinden dat niet aanvaardbaar en dienden een amendement in. Van Weyenberg: „Wij vinden dit een mooi maatschappelijk initiatief, en willen zekerheid dat voor hen hierin een uitzondering wordt gemaakt. Alleen op dit punt, verder geldt het normale toezicht.” Over het amendement wordt morgen ook gestemd.

Elke ouder een dagdeel

Er zijn zeven ouderparticipatiecrèches in Nederland. Vijf in Utrecht, twee in Amsterdam, samen goed voor 120 kindplekken. De ouders regelen de opvang en het management zelf. Ze hebben allemaal een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) en een EHBO-diploma, waarvan de kennis jaarlijks wordt opgefrist. Alle gebouwen worden gecontroleerd door gezondheidsdiensten en de brandweer. Het zijn officieel erkende crèches, waardoor ouders in aanmerking komen voor toeslagen.

De kinderen van De Villa in Utrecht zijn de huiskamer uit gerend. Naar de ‘renzaal’. Van achter de deuren klinkt opgewonden gejoel. De ouders die aan het werk zijn – als ouder draai je iedere week een dagdeel – drinken koffie. Kinderen van 4 maanden tot 4 jaar oud kosten 178 euro per maand, inclusief luiers. De schoolgaande kinderen (4 tot 12 jaar) kostten 119 euro. Bedragen die beduidend lager liggen dan de normale kinderopvang.

En nu moeten de ouders dus een diploma hebben, Sociaal Pedagogisch Hulpverlener. Als dat ter sprake komt, breekt protest los aan tafel.” Rosa Boutan, twee kinderen op de OPC: „Een diploma eisen is te simpel gedacht. Dat onze eigen kinderen hier ook zitten, geeft ons een verantwoordelijkheidsgevoel dat groter is dan van mensen met een diploma.”

Kinderopvang wordt, vanwege bezuinigingen, duurder en daarom brengen steeds minder ouders hun kinderen naar de crèche. In 2012 is het gebruik van kinderopvang met 10 procent gedaald, blijkt uit cijfers van het ministerie van Sociale Zaken.

Rommelarrangementen

De ouders van de OPC zien steeds meer ‘rommelarrangementen’ ontstaan in de kinderopvang: zelfbedachte, informele constructies van ouders en oppassers. Vader Bram van der Velde: „Bij zulke constructies hebben mensen niet alleen geen diploma om kinderen op te vangen, maar is er ook totaal geen controle en toezicht. Dat bieden wij allemaal wel, maar toch worden wij met uitsterven bedreigd en gebeurt er niets tegen de rommelarrangementen.” Een verschil is wel dat OPC erkend wordt als formele kinderopvang en ouders dus kinderopvangtoeslag kunnen krijgen. Dat kan niet voor informele, niet-bedrijfsmatige opvang.

Een van deze nieuwe ‘informele’ initiatieven is de website oudermatch.nl, die in 2009 door twee ouders in Amsterdam is opgericht. Het is een online platform waar ouders die bij elkaar in de buurt wonen elkaar kunnen vinden om op elkaars kroost te passen. Er zijn inmiddels 55.000 inschrijvingen door het hele land. De website is uitgebreid naar Duitsland en Italië. Oprichter Jules van Bruggen: „Blijkbaar voorzien we in een behoefte. We zien ook een toename van het aantal aanmeldingen als nieuwe bezuinigingen in de kinderopvang bekend worden gemaakt. We groeien nu dus echt als kool.”

Op de website wordt het idee omschreven als een „online prikbord” zonder screening van bovenaf. Via een kaartje kunnen ouders oppassers of gastouders in hun eigen buurt vinden. Via de website wordt het eerste contact gelegd, maar wat er daarna gebeurt, speelt zich af buiten het zicht van de initiatiefnemers. Van Bruggen: „De verantwoordelijkheid ligt bij de ouders. We raden ze altijd aan referenties te vragen, en tijdens een kennismakingsgesprek moet het gevoel goed zijn. Niemand is strenger in de selectie dan de ouders zelf.”

Per jaar scheelt Oudermatch mensen met een hoog inkomen, uitgaande van twee kinderen die drie dagen opgevangen moeten worden, 15.000 euro netto. Middeninkomens komen 7.000 euro netto goedkoper uit.