Militaire uitgaven dalen licht

Voor het eerst sinds 1998 zijn de defensie-uitgaven in de wereld vorig jaar gedaald. In 2012 bedroegen de totale militaire uitgaven ruim 1,3 biljoen euro, een vermindering van 0,5 procent ten opzichte van 2011.

Dat blijkt uit het jongste overzicht van SIPRI, het in Stockholm gevestigde instituut voor vredesonderzoek, dat vandaag is gepubliceerd. Met name in de Verenigde Staten, de meeste West- en Midden-Europese landen en Australië werd minder uitgegeven aan defensie. Rusland (16 %), Saoedi-Arabië (12 %) en China (7,8 %) waren in 2012 de grootste stijgers.

Volgens SIPRI duidt de lichte daling vorig jaar niet op beginnende ontwapening in de wereld. Historisch gezien bevinden de defensie-uitgaven zich nog steeds op een hoog niveau, relatief hoger dan tijdens de piek aan het einde van de Koude Oorlog. Wel verschuift de balans langzaam van het westen naar het oosten.

De Verenigde Staten liepen vorig jaar voorop in de vermindering van de defensie-uitgaven (6 procent). In de acht jaar na de terreuraanvallen op 11 september 2011 gingen de Amerikaanse defensie-uitgaven juist snel omhoog – met de kostbare oorlogen in Afghanistan en Irak. De Verenigde Staten geven nu nog steeds bijna 70 procent meer uit dan in 2001.

De vermindering in 2012 betekent niet dat de VS hun absolute toppositie als militaire mogendheid kwijt zullen raken. De VS besteden nog altijd meer aan defensie dan China, Rusland, Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland Italië, Saoedi-Arabië, India, Japan en Brazilië samen.

Gemeten naar het bruto nationaal product geeft Saoedi-Arabië met voorsprong het meest uit aan defensie. Saoedi-Arabië is een belangrijk afnemer van Amerikaanse wapens.