Varen op puur vloeibaar gas

Vloeibaar gas als nieuwe brandstof. Schoner dan diesel en ideaal voor zwaar transport, stelt Shell. Het eerste LNG-gestookte schip kwam deze week in de vaart.

rotterdam lng binnenvaartschip laatste poetsbeurt voorafgaand aan rondleiding foto rien zilvold
rotterdam lng binnenvaartschip laatste poetsbeurt voorafgaand aan rondleiding foto rien zilvold

Ze kunnen nog nergens tanken, er is nog geen Europese regelgeving en er is nog geen markt. Toch zullen er binnen twee jaar vijftig binnenvaartschepen en vijftig kleinere zeeschepen varen op vloeibaar gas (LNG). En er zullen 500 vrachtwagens rijden op deze brandstof die veel schoner is dan diesel.

Dat heeft het Nationaal Platform LNG – een samenwerking van bedrijfsleven, overheid en kennisinstituten – zich ten doel gesteld. De Nederlands-Britse energiegigant Shell wil daarbij de hoofdrol spelen.

Het vloeibare gas als directe brandstof past naadloos in de strategie van Shell om steeds meer in te zetten op gas. In het grote internationale energiespel wordt gas steeds aantrekkelijker. Gas is schoner dan olie en – belangrijker nog – er is meer van.

Het probleem dat het moeilijk vanuit ver afgelegen streken op de markt te brengen was is opgelost: overal op de wereld verschijnen (drijvende) fabrieken die gas afkoelen tot min 162 graden, waardoor het niet alleen vloeibaar wordt, maar ook nog eens 600 maal kleiner in omvang. En daarmee per schip transportabel naar iedere gewenste haven.

Deze week vertrekt het eerste binnenvaartschip dat uitsluitend op LNG vaart, in opdracht van Shell vanuit Rotterdam naar Basel. De tanker Greenstream is eigendom van Interstream Barging, een bevrachter in de binnenvaart en is gebouwd door Peters Shipyards in Kampen.

Woensdag hield Shell een feestje aan de Maas om het nieuwe, groene schip te presenteren: een binnenvaarttanker van 110 meter lang, met twee LNG-tanks en speciaal ontwikkelde gasmotoren op het dek.

Lauran Wetemans, verantwoordelijk bij Shell voor LNG-toepassing in transport, noemde de introductie van LNG in de binnenvaart historisch. „We zetten een nieuwe brandstof in de markt.” Hij vergeleek het moment met ruim een eeuw geleden toen de eerste diesel beschikbaar kwam om schepen aan te drijven.

Maar die markt is niet zonder problemen. Om op en neer te kunnen varen naar Basel moet de Greenstream twee zware LNG-tanks aan dek meetorsen. Onderweg bijtanken is er voorlopig niet bij. De infrastructuur ontbreekt, er zijn nog geen bunkerplaatsen en tankstations.

De Greenstream wordt in de Seinehaven in Rotterdam volgepompt vanuit een tankauto die daarvoor twee keer op en neer moet rijden naar de LNG-opslag in de Europoort. Voor deze operatie is een speciale vergunning verleend omdat er nog geen wetgeving bestaat. Niet in eigen land en ook niet Europees.

Pas in 2017 zal de Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR) naar verwachting met regelgeving komen. Voorlopig moeten per geval vergunningen worden aangevraagd om LNG te mogen laden als brandstof voor de binnenvaart.

De Europese Commissie werkt aan plannen om de infrastructuur uit te breiden. In 2020 zouden er 139 bunkerstations beschikbaar moeten zijn in binnenvaart- en zeehavens door heel Europa. Er wordt ruim 2 miljard euro aan Europese fondsen ingezet om dat voor elkaar te krijgen.

Intussen moet de binnenvaart wel aan steeds strengere emissieregels voldoen. Bijvoorbeeld als het gaat om de uitstoot van zwavel. Tot 2011 mocht de binnenvaart varen op diesel met een zwavelgehalte van 0,1 procent. Sinds 2011 is dat 0,001 procent. Die schonere diesel bestaat wel, maar is wel veel duurder.

„En daarmee gaan we nu concurreren”, legt Wetemans uit op de vraag hoe LNG zonder infrastructuur rendabel is te krijgen. De Greenstream is veel groener omdat het schip bijna 100 procent minder zwaveldioxide, roet en fijnstof uitstoot dan de bestaande dieselschepen. Ook de emissie van CO2 en stikstofoxiden ligt veel lager.

Een binnenvaartschip ombouwen voor LNG-verbranding vergt een investering van minstens 2 miljoen euro. De gasmotoren zijn veel duurder dan de bestaande dieselmotoren. Scheepsbouwer Peters Shipyards denkt dat dat bedrag in een jaar of zes kan worden terugverdiend. Zodra er meer bunkerstations komen kunnen de schepen volstaan met minder tankruimte voor eigen gebruik.

Dat er nog veel onzekerheden zijn vindt Shell geen probleem. De energiegigant brengt later dit jaar een zusterschip van de Greenstream in de vaart, de Greenrhine. Ook dit schip dat nu nog in Kampen op stapel staat wordt geleast.

Shell wil voorop lopen en „first mover” zijn zoals Cees Dikker, verantwoordelijk voor de ontwikkeling van LNG in de binnenvaart, het noemt. „Met 100.000 ladingen per jaar is Shell een van de grootste verladers in de scheepvaart. Dan moet je ook laten zien dat varen op LNG ernst is.”

Sinds anderhalf jaar vaart er al een Nederlands binnenvaartschip dat grotendeels door LNG wordt aangedreven. De binnenvaarttanker Argonon van Deen Shipping loopt op dual fuel: een mengsel van 80 procent LNG en 20 procent diesel. Shell, de grootste producent van LNG ter wereld, wil met de Greenstream bewijzen dat 100 procent LNG de toekomst is.