Donderdag al-buikpijn-dag

Stiefvaders worden milder bejegend dan stiefmoeders. Stiefmoeders zitten, ook door eigen toedoen, eerder tegen het plafond. „Het is volkomen normaal dat je meer van je eigen kind houdt.”

Illustratie Marike Knaapen

Het ging snel voor Anna Lindbergh (39). Ze kwam een man tegen met wie het klikte, werd verliefd en voor ze het wist woonde ze samen en was ze de stiefmoeder van zijn twee kinderen. Tegen de tijd dat ze ontdekte dat haar stiefdochter niet simpelweg een moeilijk karakter had, maar licht autistisch was en aanleg voor psychoses had, was ze ook nog zwanger.

Haar stiefdochter beschouwt haar als „de vijand”, zegt Lindbergh. „Regelmatig ontploft ze. Dan staat ze uitzinnig te krijsen: Je bent mijn moeder niet! Als haar vader er is, gedraagt ze zich heel lief. Maar zodra hij weg is, laat ze haar spullen overal vallen en duikt ze in de koektrommel, terwijl ze op dieet moet. Ik kan aardig zijn wat ik wil, maar het helpt niets. Het opvoedcentrum dat we raadplegen omdat we er niet meer uitkomen, zegt: dit kind is ongeschikt voor co-ouderschap. Maar haar moeder zegt: ik trek het niet als ik haar fulltime over de vloer heb. Dus ik zit er mee.

„Elke ruzie tussen mijn vriend en mij gaat over haar. Ik heb op het punt gestaan weer op mezelf te gaan wonen. Maar mijn vriend wil daar niets over horen. Hij zegt: Als je mij wilt, krijg je mijn kinderen erbij.”

Tijdens de laatste uitbarsting van haar stiefdochter sloot Lindbergh zich op in de badkamer. „Toen probeerde ze de deur open te breken. Als je de moeder van zo’n kind bent, bezit je biologische vergevingsgezindheid. Maar als stiefmoeder kun je daar niet op terugvallen. Ze is een bom onder mijn relatie.”

Stiefouderschap wordt steeds gewoner, want het aantal stiefgezinnen in Nederland neemt gestaag toe. Volgens cijfers van het CBS waren er in 2007 185.000 stiefgezinnen, maar socioloog Ed Spruijt schatte het aantal in 2010 op een kwart miljoen). Maar je draai vinden in een samengesteld gezin blijft ingewikkeld. Een stroom boeken met titels als De bewuste stiefmoeder, De dynamiek van het stiefgezin of Understanding stepmothers overspoelt de markt. Er zijn talloze websites die ondersteuning bieden aan stiefmoeders. Afgelopen zaterdag werd voor de zesde maal de Nationale Stiefmoederdag georganiseerd door de Stichting Stiefmoeders Nederland. Volgende week verschijnt het Handboek voor de moderne stiefmoeder m/v, geschreven door Yolan Witterholt, stiefmoeder van twee kinderen. Haar advies: doe niet te veel je best, verwacht geen wonderen en zeg vooral tegen je nieuwe partner dat de kinderen leuk zijn.

Ontelbare ruzies verder

Stiefmoeders hadden vroeger het imago van hardvochtige vrouwen die hun stiefkinderen als sloofjes misbruiken. Het zijn volgens Witterholt vaak juist de stiefmoeders die zich uitsloven, omdat ze van hun nieuwe gezin zo graag een succes willen maken. „Maar terwijl de stiefvader wordt geprezen omdat hij zo ruimhartig is dat hij de kinderen van zijn nieuwe vrouw accepteert, wordt van de stiefmoeder nog steeds verwacht dat zij automatisch de zorg voor de kinderen van haar nieuwe partner op zich neemt en niet te veel aandacht opeist, want de kinderen hebben het al moeilijk genoeg gehad met de scheiding. Die zitten echter, heel begrijpelijk, niet op haar te wachten. Maar als ze zich beklaagt, krijgt ze te horen: Je hebt er toch zelf voor gekozen?”.

Veel stiefmoeders hebben last van schuldgevoelens. Bijvoorbeeld omdat het niet lukt om evenveel van hun stiefkinderen als van hun eigen kinderen te houden. „Wat natuurlijk volkomen normaal is”, zegt Witterholt. „Een samengesteld gezin managen is een moeilijke opgave. Je hebt te maken met twee verschillende culturen en twee verschillende opvoedstijlen. Voordat dat een beetje loopt, ben je ontelbare ruzies verder.

„Ik herinner me nog goed dat mijn man totaal geen oog meer voor mij en mijn kinderen had als zijn eigen kinderen binnenkwamen. Hij praatte aan tafel gewoon door mij heen. Zijn kinderen waren leuk, maar het waren wel luidruchtige jongens. Opeens was er stoer gedoe om me heen, iets wat ik niet kende. De cultuur in huis veranderde totaal. Dat levert irritatie op. Maar stiefmoeders slikken over het algemeen hun ergernissen in. Want als ze tegen hun nieuwe man zeggen dat iets hen irriteert, ziet hij dat als een aanval op zijn kinderen. Ik heb er wel eens spijt van gehad dat ik niet apart ben blijven wonen. Af en toe riep ik: ik wou dat ik naar huis kon gaan.”

Heel veel humor

Gezinstherapeute Ietje Heybroek ziet in haar praktijk veel stiefmoeders. Het grote probleem is volgens haar dat die in hun verliefdheid niet beseffen waar ze aan beginnen. „Zij nemen als vanzelfsprekend de verzorgende rol op zich. Zij voelen zich verantwoordelijk voor de kinderen. Zij passen zich aan. Ze denken: als ik maar hartstikke aardig ben, komt alles goed. Terwijl de vader achterover leunt, neem de stiefmoeder heel veel hooi op haar vork. En daar zou ze erkenning voor moeten krijgen, maar die krijgt ze niet, want de stiefkinderen zijn vaak loyaal aan hun biologische moeder.”

Iets meer dan de helft van de tweede huwelijken valt weer uit elkaar. Heybroek, zelf stiefmoeder van drie kinderen, begrijpt wel waarom. „Ik ken stiefmoeders die donderdag al buikpijn hebben omdat zaterdag de stiefkinderen komen. Die met kerst alleen zitten omdat hun man nog niet los is van zijn ex. Die totaal genegeerd worden door hun stiefkinderen, waar hun vader niets over zegt omdat hij bang is dat ze dan niet meer komen. Ik zeg dan: laat de verantwoordelijkheid voor deze kinderen daar waar hij hoort. Ga werken, of neemt hobby’s, maar ga niet dag in dag uit bij je stiefkinderen zitten. Probeer geen tweede moeder voor ze te worden, want meer dan een stiefmoeder kun je niet zijn. Heb geduld: het duurt gemiddeld vier tot zeven jaar voordat een samengesteld gezin tot een eenheid is gegroeid.”

Heybroek vertelt dat ze vaak overhoop heeft gelegen met haar stiefdochter. „Ze kwam bijvoorbeeld altijd te laat. Ze gooide een half pak hagelslag op haar boterham. Juist die kleine dingen, daar val je over. Je moet heel veel humor hebben, wil je het stiefmoederschap overleven.”

Stiefmoeders zelf zijn natuurlijk ook geen heiligen. Ook een welwillende stiefmoeder als schrijfster Yolan Witterholt kon behoorlijk jaloers zijn als haar man weer eens totaal werd opgeslokt door zijn eigen kinderen. En toen haar stiefdochter onlangs voor de zoveelste keer krijste dat zij haar moeder niet was, antwoordde Anna Lindbergh: „Nee, gelukkig niet.”

De beste strategie lijkt: niet te hoge eisen stellen, noch aan jezelf, noch aan je stiefkinderen. Simone van der Meer (45) ging acht jaar geleden samenwonen met een man die twee kinderen van acht en tien had. Die kinderen accepteerden haar verrassend snel. „Een kwestie van mazzel. Het waren gewoon heel lieve kinderen”, zegt ze. „Verder heb ik me altijd gerealiseerd dat ik een indringer was, dat ze niet voor mij hadden gekozen. Ik verwachtte dus niets van ze. En ik betrok niets van wat ze zeiden of deden op mezelf.”

Van der Meer bemoeide zich ook nooit met de opvoeding. „Hooguit sprak ik mijn vriend er na afloop voorzichtig op aan als ik echt vond dat hij fout zat. Zijn kinderen deden dingen anders, hadden andere manieren, maar ik dacht altijd: ze zijn niet van mij. Ik ging ook niet achter ze aan. Ik liet ze zelf komen. En verder hield ik mezelf voor dat het maar tijdelijk was. Gemakkelijk was het niet, want je bent toch altijd op stap met andermans gezin. Maar dan komt het moment dat je je realiseert dat je van ze bent gaan houden. En zij van jou. De band die we nu hebben, kan niet meer stuk.”

Om de privacy van haar stiefdochter te beschermen is de naam Anna Lindbergh een pseudoniem.