Recensie Avonturenfilm met haaien en stormen

Kon-Tiki Regie: Joachim Rønning en Espen Sandberg. Met: Pål Sverre Hagen. In: 35 bioscopen. ***

De Noorse film Kon-Tiki presenteert avonturier Thor Heyerdahl als onverschrokken held. Hij is een echte eenling, iemand die overtuigd is van zijn eigen gelijk. Antropoloog Heyerdahl weet zeker dat de oude Inca’s op een vlot van Peru naar Polynesië dreven om daar een rijk te stichten. Omdat niemand zijn ideeën serieus neemt, gaat hij ze zelf maar bewijzen. Hij stelt een crew samen, bouwt een vlot en laat het meevoeren op de wind en getijdenstroom. Dan komt het vlot vanzelf terecht bij een Polynesisch eiland, is de gedachte. Na 101 dagen toont hij zijn gelijk aan.

Hij en zijn crewleden filmden de expeditie die zij in 1947 ondernamen met een 8mm-camera. De Oscarwinnende documentaire Kon-Tiki (1950) was het resultaat. Wie die documentaire en de speelfilm vergelijkt, ziet dat de makers van de film de nadruk hebben gelegd op het spannende jongensboek-aspect van Heyerdahls wetenschappelijke onderneming. Alsof het verhaal op zichzelf niet boeiend genoeg is. Dat is jammer. Het maakt van Heyerdahls onvoorspelbare reis een voorspelbare avonturenfilm, met bloeddorstige haaien, woeste stormen, een door de Tweede Wereldoorlog getraumatiseerde stuurman en meer onnodige romantisering.

In het commentaar bij zijn documentaire uit 1950 laat Heyerdahl nuchter weten dat zij zelf uit voorzorg de vele haaien doodden. Beter zo dan andersom. De papegaai die in de film door een haai als snack wordt opgepeuzeld, blijkt in werkelijkheid te zijn verdwenen in een storm.

Kon-Tiki, waarvan in Nederland de Engelstalige versie wordt uitgebracht, lijkt vooral een uiting van trotse Noors fierheid. Daar mag je de waarheid blijkbaar best een beetje geweld voor aandoen.