Luxe winkel met stoffen die je echt niet mag aanraken

Couture in kleur. Zijde & prints uit het Abrahamarchief. Tot en met 11/8,Momu Antwerpen. www.momu.be***

Er zijn twee dingen die een kledingstuk maken tot wat het is. Het model, en de stof. Dezelfde jurk is in wit katoen is een totaal ander kledingstuk dan in zijde, en in bedrukte zijde weer iets heel anders dan in effen. En dan is er de kwaliteit van het materiaal; de zijde die je vindt bij betaalbare winkels is nog altijd iets heel anders dan de zijde die wordt gebruikt in de betere prêt-à-porter.

In het MoMu in Antwerpen is nu een tentoonstelling te zien over Abraham, een Zwitserse stoffenfabrikant die tot 2002 een grote naam was in de modewereld. Een beter moment is er bijna niet: niet alleen is er de laatste tijd veel belangstelling voor vintage couture, ook kleuren en dessins zijn weer enorm in trek. De specialisatie van Abraham, dat zijn chique vooral aan haute couturehuizen leverde, was gedessineerde zijde: zijde dierenprints, ruiten en abstracte motieven, rijke brokaten, kleurrijke effen stoffen en vooral heel veel zijde met rozendessins: klein en bescheiden, maar ook brutaal oversized.

Van die stoffen zijn talloze voorbeelden te zien op de tentoonstelling, die eerder te zien was in Zürich. Daarnaast zijn er stalenboeken, foto's van modellen in kledingstukken van Abrahamstoffen, negentiende eeuwse stalenboeken uit Lyon (die voor de ontwerpers van Abraham een grote bron van inspiratie waren), duidelijk met grote toewijding bijgehouden plakboeken met persberichten knipsels uit modebladen.

Het MoMu heeft er zelf nog een aantal couturestukken van Christian Dior, Yves Saint Laurent, Balenciaga en Hubert de Givenchy aan de expisoitie toegevoegd, huizen die met name in de jaren vijftig en zestig veel met Abraham samenwerkten.

De thematisch opgedeelde expositie – naar modehuis, en naar dessin– ademt een sfeer van luxe, damesachtigheid en elegantie, die zich weinig gelegen liet liggen aan de tijdgeest; in de jaren zestig en zeventig werden de bloemmotieven wat wilder en kleurrijker, maar heel wezenlijk veranderden de stoffen niet. Tot het bedrijf in 2002 alsnog definitief werd ingehaald door de tijd en failliet ging. Aan het eind van het vorige millennium, toen prints niet erg populair meer waren, was er nog weinig vraag naar de dure, bedrukte stoffen van Abraham. Zelfs Yves Saint Laurent, een van de belangrijkste afnemers, kocht er sinds 1995 niet meer.

Abrahams zijdes, die overigens bij andere bedrijven geweven, zijn bijna zonder uitzondering prachtig, en rijk. Maar echt tot leven wil het merk maar niet komen. Ondanks alle toevoegingen heb je toch een beetje het idee dat je rondloopt in een grote, luxe stoffenwinkel. Interessant voor de liefhebber, maar die wil die stoffen dan ook kunnen aanraken, en dat mag niet.

Ook de geschiedenis en de werkwijze van Abraham blijven wat vaag. Het bedrijf werd in 1878 opgericht, maar begon pas na de Tweede Wereldoorlog een belangrijke rol in de mode te spelen, onder leiding van Gustav Zumsteg (1915-2005), die in 1930 als leerling in het bedrijf kwam en tien jaar later directeur werd. Maar in hoeverre hij nou zelf echt stoffen ontwierp, hoe hij dat deed en wat voor rol de modehuizen die zijn klanten waren daar nou in speelden, wordt niet echt duidelijk.

Het spannendste is het waar een vertaling naar het heden is gemaakt. Van vijf moderne ontwerpers die veel met prints werken, onder wie Peter Pilotto en Dries van Noten, staan witte kledingstukken opgesteld, waarop hun keuzes uit het archief worden geprojecteerd. De dessins van Abraham kunnen nog prima mee, zo blijkt. Hoewel de ontwerpers de dessins gebruiken op een manier die tien jaar geleden nog ongehoord was: de een doorlopend in de andere, of het combineren van drie verschillende prints in één outfit.