Juist nú moet je investeren in Spanje

Je bent gek als je nú niet je geld in Spanje steekt. De ingestorte huizenmarkt, recordwerkloosheid en wankelende banken hebben één voordeel: het kan alleen nog maar beter worden. Zegt Spanje.

Wat doe je als je land volledig op z’n gat ligt? De huizenmarkt volledig is ingestort. Als de werkloosheid een recordhoogte heeft bereikt. De banken in je land wankelen. En de overheid worstelt met enorme gaten in de begroting en telkens aan Europa moet vragen of de regels misschien wat soepeler mogen.

Precies. Dan zeg je dat het niet nóg slechter kan gaan. Dat het dus alleen maar beter kan worden. En dat je dus gek bent als je nu niet snel je geld in het land steekt.

In een zaaltje in het Amsterdamse hotel Krasnapolsky – met schilderijen van Nederlandse zeeslagen aan de muur – probeerde een samenwerkingsverband van grote Spaanse bedrijven gisteren de geweldige kansen in hun land te schetsen. Het is een soort denktank, die twee jaar geleden werd opgericht toen de economische ellende heel serieus bleek. De komende dagen houden ze presentaties in diverse Europese steden.

„Spanje, een land van mogelijkheden voor investeringen en ondernemers”, heet het rapport, dat gepresenteerd werd door professor José Manuel Campa van de Universiteit van Navarra, die van 2009 tot en met 2011 staatssecretaris economische zaken was.

Het rapport staat vol met glimmende grafieken en mooie statistieken. Maar, zegt de professor, hij is hier niet om een doorwrochte macro-economische analyse te houden over Spanje. Natuurlijk kampt het land met een recordwerkloosheid van bijna 5 miljoen mensen. En die weer aan het werken krijgen, is een lastig vraagstuk. Maar dat gaat hij nu niet behandelen. „Het gaat er vooral om het land weer eens positief te belichten en een positieve toekomst te schetsen.” En de afgelopen crisisjaren is er volgens hem zo veel gedaan in Spanje, dat het land aantrekkelijk is voor buitenlandse investeerders.

In een razend tempo licht hij de sheets toe. De export is enorm gestegen, zegt hij. Helemaal, als die afgezet wordt tegen de import. Die is namelijk behoorlijk ingestort. En nee, Spanje voldoet niet aan de begrotingseisen van de EU, maar er is enorme vooruitgang geboekt.

Een ander positief punt. Er is een fiks overschot aan woningen in Spanje. Dat geeft buitenlanders heel veel kansen. De verkoop van huizen aan buitenlanders is tussen 2009 en 2012 met 64 procent gestegen, zegt professor Campa. „Helaas zitten daar wel heel veel Duitsers tussen. Dus kom naar ons land en geef je geld uit”, zegt hij met een grijns.

Maar klopt het beeld dat de Spanjaarden de komende tijd met deze roadshow aan buitenlanders gaan verkopen?

Een jaar geleden stond het land er inderdaad veel slechter voor, zegt econoom Elwin de Groot van de Rabobank. Deze week hoopt hij met collega’s een rapport te presenteren over de hervormingen in de Zuid-Europese landen. „En Spanje heeft heel veel stappen gezet”, zegt hij.

Hij somt een aantal maatregelen op. De pensioenleeftijd is verhoogd van 65 naar 67. Oude cao’s bleven voorheen altijd onbeperkt geldig als er geen nieuwe was afgesloten. Dus als een nieuw voorstel vakbonden niet beviel, stopten ze gewoon met onderhandelen. Nu is een oude cao nog maar een jaar geldig. De loonkosten beginnen langzaam te dalen, zegt De Groot. De arbeidskosten per eenheid product dalen. De export stijgt en omdat de import in elkaar is gezakt, is het tekort op de lopende rekening bijna een overschot geworden. „Dat zijn positieve signalen.”

Terug naar het Krasnapolsky. Daar mogen ondernemers vragen stellen. Zoals de Nederlandse ondernemer Ron Olofsen, die een revalidatiekliniek wil beginnen in Spanje. Maar hij heeft moeite met het vinden van financiers. Waarom denkt u niet aan particuliere investeerders, vraagt professor Campa. „Vooral uit uw eigen land. Die zijn meer dan welkom bij ons.”

Volgens de Nederlandse investeerder Pieter Paul Peters is het inderdaad een goed moment om iets te beginnen in Spanje. Volgens het adagium: instappen op het dieptepunt. En dat is volgens hem nu inderdaad wel bereikt in het land. Groot voordeel zijn volgens hem de sterk gedaalde loonkosten. „Je ziet het aan autofabrikanten die hun productie uitbreiden in Spanje. Callcenters komen weer terug uit lage lonenlanden.”

Zelf wil hij zorgconcepten gaan opzetten in het land. En ook dat heeft met de loonkosten te maken. „De handjes aan het bed zijn hier onbetaalbaar. Maar in Spanje is dat niet het geval. Dus waarom zou je daar geen zorg ontwikkelen voor Nederlanders. Goede, betaalbare zorg in een land met een beter klimaat”, zegt Peters.