Goede kunst laat zich niet dwingen of manipuleren

Laatst bezocht ik in Antwerpen een weekend lang allerlei culturele plekken, en wat me opviel: overal waren jongeren. Jongens met baarden en coltruien en elegant geklede meiden, de musea, concertzalen, debatzaaltjes en theaters zaten er vol mee.

Ik heb al langer de indruk dat kunst en cultuur in Vlaanderen een veel vanzelfsprekender onderdeel van het dagelijks leven zijn. Bij ons hangt er nog vaak een sfeer van liefdadigheid of welzijnswerk omheen, en alle cultuurinstellingen halen de raarste capriolen uit om ‘jongeren te trekken’.

Ik hoop van harte dat het heropende Rijksmuseum straks geen QR-codes, touchscreens, twitter-walls en andere interactieve malligheid heeft. Al die hightech slagroom waarin serieuze kunst zich vaak laat verpakken, draagt onbedoeld de boodschap uit dat kunst eigenlijk een bittere pil is.

In Den Haag stemde de gemeenteraad in met de komst van een nieuw cultuurpaleis, Spuiforum. Dat kost 180 miljoen, en ongeveer de hele bevolking is tegen. Rustig maar, suste de gemeente, want naast klassieke muziek en dans komt er ook populair amusement. „De Spice Girls samen met het Residentie Orkest!” riep een D66-raadslid laatst.

Bouw een groot zalencomplex en dan volgt de kruisbestuiving vanzelf, is de gedachte. In de praktijk werkt het altijd andersom. Neem het inmiddels wereldberoemde Nederlands Dans Theater (NDT). Dat begon in een zaaltje van niks, bleek talentvol en kreeg dáárom een eigen gebouw (het architectuurdebuut van Rem Koolhaas).

Het moet van onderaf ontstaan. Niets verhindert het Residentie Orkest om nu al met de Spice Girls in zee te gaan (behalve dan dat die meisjesgroep uiteen is). Niets verhindert de Haagse cultuurinstellingen om nu al bruisende kruisbestuivingen te organiseren. (Behalve dan het geld: 180 miljoen is er wel, terwijl op de kunstinstellingen is bezuinigd).

De afgelopen jaren ben ik door verschillende onbekenden benaderd of ik niet eens lid wilde worden van een of andere nieuw te vormen kunstenaarskring of zelfs een ‘nieuwe herenclub’. Volslagen waanzin! Zoiets moet spontaan uit een al bestaande vriendengroep ontstaan, zoals Harry Mulisch destijds domweg wat vrienden belde.

Een echt cultureel leven verzet zich tegen dwang of manipulatie van bovenaf. In plaats van te investeren in megagebouwen, hippe gadgets en reclamecampagnes die wanhopig het jonge publiek binnen moeten trekken, moet je investeren in kunst en cultuur als vanzelfsprekend onderdeel in basisscholen en middelbare scholen. In België zie ik altijd complete kleuter- en schoolklassen door de musea trekken.

Investeer in ateliers, kleine poppodia, verenigingen voor amateurkunst en buurttheaters. Dan heb je een voedingsbodem waaruit wellicht ooit spontaan van alles gaat opbloeien dat goed genoeg blijkt voor een eigen gebouw.

Christiaan Weijts is schrijver. Op deze plek schrijft hij elke donderdag over de actualiteit.