Dit is een artikel uit het NRC-archief

Wielrennen

Nederlandse wielrenners ontkennen massaal dopinggebruik

Wielrenner Rudie Kemna. Hij gaf eind januari dopinggebruik toe, maar heel veel (ex-)collega's hullen zich in stilzwijgen.
Wielrenner Rudie Kemna. Hij gaf eind januari dopinggebruik toe, maar heel veel (ex-)collega's hullen zich in stilzwijgen. Foto ANP / Ed Oudenaarden

Tot gisteren hadden de renners van de drie Nederlandse wielerploegen (Blanco, Argos en Vacansoleil) om dopinggebruik toe te geven in ruil voor strafvermindering. De resultaten komen vandaag naar buiten: van de ongeveer tweehonderd werknemers van de ploegen zijn er slechts twee die bekennen.

Van die twee wisten we ‘t al: het gaat om Rudie Kemna (hij bekende eind januari) en Grischa Niermann (rond dezelfde tijd). Alle anderen lieten in de verklaringen die de afgelopen maanden zijn afgenomen weten dat ze nooit naar doping gegrepen hebben.

Het plan: iedereen ondervragen en schoon schip maken

Naar aanleiding van alle dopingperikelen van de afgelopen tijd besloten de drie Nederlandse wielerploegen hun renners de kans te geven schoon schip te maken: bekennen vóór 1 april betekende strafvermindering. Bovendien, zo was de gedachte, wordt zo de geloofwaardigheid teruggewonnen en wordt de huidige generatie niet opgezadeld met het massale dopingmisbruik van de voorgangers.

Maar die opzet is dus mislukt: dat in een peloton waarin dopinggebruik de norm was, zo’n klein gedeelte van de Nederlanders met doping te maken had, is verre van geloofwaardig, schrijft wielerjournalist Thijs Zonneveld vanochtend in nrc.next.

“Zeker omdat veel ploegleiders in de epo-jaren hebben gereden, en al helemaal omdat diverse dopingzondaars hun verhaal wél anoniem hebben gedaan bij de commissie-Sorgdrager.”

Liever hullen in stilzwijgen

Het tekent het gebrek aan solidariteit bij de renners met een dopingverleden, schrijft Zonneveld:

“Als ze ex-collega’s van hun sokkel zien vallen door dopingonthullingen verstoppen ze zich en hopen ze dat de storm gaat liggen. Vooral dopingzondaars die nog actief zijn in de sport hullen zich in stilzwijgen, bang als ze zijn om te worden aangesproken op hun eigen verleden. Nadat oud-renner Danny Nelissen publiekelijk had verteld over de dopingcultuur in de jaren negentig, kreeg hij welgeteld één sms’je van een oud-collega. Het is net als in de koers: ieder voor zich.”

De straf die bij een biecht in het vooruitzicht gesteld werd, was zes maanden niet fietsen en drie maanden salaris inleveren. Een schorsing van twee jaar is normaal als een renner wordt betrapt op dopinggebruik. Nederlandse renners die nu niet bekend hebben, maar waarvan toch een dopingverleden naar buiten komt, worden voor het leven uit de Nederlandse wielersport geweerd.