Schoon

Ivo Weyel weet dat je in hotels het best op de wc kunt eten, het bed is veel viezer.

Eerst zijn er voorverkiezingen. Daarin worden vijfentwintig Nederlandse hotels geselecteerd. Dat doen hotelgasten online. Dan komen de experts ten tonele, hotellieden, professionele schoonmakers, mystery guests. Die strijken ter plekke met witte handschoenen over plinten en kledingkasten, kijken onder het bed, schudden aan de gordijnen op zoek naar dwarrelend stof en maken een rapport op. Zij stellen vervolgens een shortlist samen van zes hotels die in de finale een laatste kans krijgen hun zaak aan te prijzen. Hoteldirecteuren houden dan voor een volle zaal een vurig pleidooi. En dan, pas dan, na ampele overweging en hoogoplopend juryberaad, kiest de jury Het Schoonste Hotel van Nederland.

Onlangs viel deze prijs te beurt aan het Amsterdamse Sofitel Legend The Grand. Directeur Robert-Jan Woltering is euforisch. Hij prijst zijn team kamermeisjes (hij spreekt natuurlijk over housekeeping, want kamermeisje is net als neger politiek incorrect) en belooft van de 1.500 euro die aan de prijs verbonden is zijn team in het zonnetje te zetten. De jury jubelt over „het oog voor detail” in The Grand. Liselotte Walta, executive housekeeper, noemt het emotioneel „de bekroning van ons werk, omdat we meer doen dan schoonmaken alleen; we willen een verhaal overbrengen”.

En gelijk heeft ze, want getver, wat zijn hotels vies. Officiële onderzoeken wijzen dat uit. Deze berekenen veelvuldig het CFU van hotelkamers, de Colony-forming Unit of Bacteria per cm2 (goeie term!), ofwel hoeveel enge beestjes friemelen er per vierkante centimeter op het kussen en andere plekken. Daaruit blijkt dat de afstandsbediening van de tv, de telefoon en de lichtknopjes het smerigst zijn. Gevolgd door sierkussens en beddensprei. Dat zijn de zogenaamde HAACP’s, de Hazard Analysis and Critical Control Points (weer zo’n prachtterm!). Het onderzoeksbureau Check Safety First raadt dan ook eenieder die roomservice bestelt aan, dit in de badkamer te nuttigen. Daar is het namelijk doorgaans het schoonst.

Het Amsterdamse budget hotel Hans Brinker heeft een ander verhaal. Dat adverteert al jaren, middels bekroonde reclamecampagnes, met hoe goor het daar is: ‘Hans Brinker is proud to be dirty and carry a variety of bacteria’. Het beweert daarmee het immuunsysteem van de gast sterker te maken. Een te schone omgeving immers, maakt de mens extra kwetsbaar voor allergieën.

In Amerika heeft het begrip ‘schoon hotel’ trouwens ook een andere connotatie. Zo strijdt de vereniging Clean Hotels niet voor bacterievrije hotelkamers, als wel voor hotels zonder seksfilms op hun televisienet. Zakenlui checken die site altijd om te weten waar ze niet moeten boeken.