Column

De waarheid als omgangsvorm

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Een DijsselBom onder de euro. Zeggen ze. Jeroen Dijsselbloem heeft de waarheid gesproken, heel ongepast op topniveau. Zeggen ze. Kritiek genoeg deze week, gaandeweg ook wat waardering. De Nederlandse minister van Financiën heeft zijn internationale vuurdoop beleefd met de voorlopige redding van Cyprus.

Het is niet helemaal toeval dat de meest bijtende commentaren kwamen uit Frankrijk en Groot-Brittannië. In die landen gaat men – om verschillende redenen – niet zachtaardig om met het soort niet-omfloerste taal van de Nederlandse eurogroepvoorzitter. Dat is deel van de cultuurstrijd die Europa kleur geeft.

Frankrijk is, na Italië en Spanje en kleine landen als Slovenië en Malta, het sleutelland waar het voortbestaan van de euro van afhangt, huiverig als men er is voor buitenlandse medicijnen. De Britten lachen graag over zo’n Nederlander die net begint – tussen stoerheid en besmuikte afhankelijkheid als niet-eurodeelnemers. De kritiek van de vorige eurogroepvoorzitter, Juncker, kwam vooral uit de mond van de premier van Luxemburg, ook zo’n stadstaat met een beetje veel bank.

Voor het eerst sinds jaren heeft Nederland weer een vertegenwoordiger in een Europese topfunctie. Het moet blijken of het voorlopig ook de laatste is, zoals Melvyn Krauss profeteerde in deze krant. Er is aanleiding te veronderstellen en te hopen dat Dijsselbloem al improviserend een nieuwe toon heeft gezet voor de omgang tussen Europese politici en het volk, de cynische financiële wereld daarbij inbegrepen. In die volgorde.

Jeroen Dijsselbloem heeft iets gedaan wat te lang als naïef is weggeredeneerd: zeggen wat je ziet als het probleem, als oorzaak van dat probleem en op welke manier je er iets aan probeert te doen. Hij zei het voorzichtig. Hij had ook kunnen zeggen: wie hogere rentes incasseert neemt grotere risico’s, die blijven we niet met publiek geld dekken, u bent gewaarschuwd.

Ja, klare taal kan ertoe leiden dat grote bedragen wegstromen uit zuidelijke eurolanden, als dat geld niet allang elders is gestald. Heruitvinding van de waarheid als omgangsvorm is de enige weg naar een zekere waardengemeenschap, het onmisbare fundament onder een gemeenschappelijke economie en bijbehorende munt. Dat beseften die Russische grootspaarders maar al te goed: thuis de boel bestolen en op Cyprus bescherming van de Europese rechtsstaat zoeken mét een wereldrente.

In het Kamerdebat over de kwestie wierpen verschillende oppositiewoordvoerders Dijsselbloem impliciet een gebrek aan cynisme voor de voeten. Weet je dan niet hoe de markten werken? Het tekende hoezeer een deel van het politieke gesprek schatplichtig is geraakt aan die eenzijdige financiële logica die Europa een portie welvaart maar ook moreel verval en verlies aan waarden en uiteindelijk banen heeft bezorgd. De crisis onthult die kaalslag.

In Europa lijdt democratische politiek onder verlies aan vertrouwen. In Nederland is het de afgelopen maanden ook afgebrokkeld, maar de helft van de mensen denkt nog dat politieke ambtsdragers hun best doen. Gelukkig, maar een derde of meer van de mensen heeft ook hier geen enkel vertrouwen dat het goede gebeurt. In het licht van dat democratische legitimiteitstekort is Dijsselbloems optreden vernieuwend.

Naarmate het gesneer in een aantal kranten en hoofdsteden deze week aanhield, groeide Dijsselbloem. Met een persbericht beperkte hij de Cyprusaanpak tot dat eiland. Maar overigens bleef hij uitleggen in welke volgorde van binnenuit verrotte banken ook elders moeten worden afgewikkeld of ten dele gered.

Het is een goede vraag of hij als voorzitter van een groep van zeventien landen die onverbloemde taal mocht gebruiken. En of het verstandig was dat te doen terwijl Cyprus nog midden in de crisis zit en kratten euro’s van Frankfurt naar Nicosia moesten worden gevlogen.

Het moment is nooit gunstig als je een stelsel binnen de geldende logica wilt veranderen, in dit geval van een waarheidsarm systeem naar een vorm van eerlijkheid – zoals premier Rutte zei op zijn wekelijkse persconferentie: om de mensen mee te nemen bij weer een redding. Geen wonder dat Dijsselbloem het verwijt kreeg dat hij zich buiten het systeem plaatste.

De poging van de minister om analyse en aanpak rustig uit te leggen was daarom zo belangrijk omdat ‘Europa’ – in alle EU-lidstaten – dagelijks wordt misbruikt voor binnenlands politiek kortetermijngewin. Vervelende maatregelen worden vaak gepresenteerd als ‘een Europese verplichting’. Op andere momenten doen politici graag alsof zij geheel autonoom nationaal beleid voeren. Een 14-baans snelweg door een Utrechts bos staat voor daadkrachtig bestuur, troostasfalt voor kleine caférokers.

Deze opwelling van DijsselSpraak betekende bovendien een signaal aan de reddingsmoede burgers van het continent: we blijven niet toestaan dat de creditzijde van de financiële oppermacht bij de private sector berust terwijl de debetzijde voor het publieke domein is. Geen wonder dat ‘de financiële markten’ knorden, het casino zonder nieten zou kunnen sluiten.

Jeroen Dijsselbloem deed niet meer of minder dan werken aan herstel van moreel besef en gezond verstand. Laat het een trend worden. Het zal de wereld verrassen. Banken, bedrijven en overheden zullen met meer succes hun werk doen naarmate zij vaker erin slagen uit te leggen wat zij doen en waarom, op een aantoonbaar moreel deugende basis. Jeroen Dijsselbloem viel zo op deze week omdat wat hij deed zo voor hand ligt. Dát was het pijnlijke.

U kunt de auteur e-mailen via opklaringen@nrc.nl