Dode voor de rechter in Moskou

Boekhouder Sergej Magnitski was alleen verdachte toen hij in 2009 in een Russische cel overleed. Waarom nu nog een postuum proces?

Moskou. - De rechtszaak tegen boekhouder Sergej Magnitski die afgelopen week is begonnen in Moskou, lijkt op een gewoon proces. Staat versus vermeende belastingontduiker. Met één verschil: de verdachte is dood. De grijze stalen kooi voor aangeklaagden blijft leeg. De jonge zaalwacht heeft niemand om met zijn knuppel te bewaken.

Sergej Magnitski overleed op 37-jarige leeftijd in afwachting van zijn proces. Na een verblijf van elf maanden in twee Moskouse detentiecomplexen, waar hij leed aan langdurige ontstekingen aan alvleesklier en galblaas, stierf hij in 2009 aan hartfalen. Volgens zijn moeder is haar zoon noodzakelijke medische zorg onthouden.

De beschuldiging tegen Magnitski luidt dat hij voor de vanuit Londen opererende investeerder William Browder illegale manieren heeft ontwikkeld om belasting te ontduiken.

Als levende verdachte is het al moeilijk om een zaak te winnen in Rusland: meer dan negen van de tien aanklachten draaien op een veroordeling uit. Maar een dode berechten, dat is in Rusland niet eerder gebeurd. Er zijn juridische complicaties – zo heeft een verdachte normaal recht op een laatste woord. Maar de staat en de rechter zien daar geen probleem in.

Officier van justitie Michail Reznitsjenko heeft zestig dossiers met bewijsmateriaal. De Reznitsjenko, een kalende man met een rond hoofd, wrijft in zijn handen en pakt er een vuistdik dossier bij. „Kent u de inhoud van deze correspondentie?”, vraagt hij aan de getuige, een voormalig zakenpartner van Magnitski. De officier glimlacht, zoals bij elke vraag die hij stelt. „Die hebben we aangetroffen op een harde schijf na een huiszoeking bij de verdachte.”

Waarom een dode berechten? Volgens het ministerie van Binnenlandse Zaken omdat de nabestaanden van Magnitski, zijn vrouw en zijn moeder, niet hebben gevraagd om het niet door te laten gaan. Verder liet het ministerie weten dat de verdachte veroordeeld zal worden. Hij krijgt gelijk, of de zaak wordt gesloten.

De rechtszaak lijkt daarmee op een postuum rehabilitatieproces. Het verschil: bij een postume rehabilitatie wordt een veroordeelde na zijn dood vrijgesproken en zijn naam in ere hersteld. Magnitski is nooit veroordeeld. Hij was alleen verdachte en is daarmee volgens de Russische wet in onschuld gestorven. Maar in deze zaak moet zijn onschuld nu alsnog bewezen worden.

Motieven voor een postume vervolging zijn wel te bedenken. Magnitski heeft, naar eigen zeggen, de grootste corruptiezaak in de Russische geschiedenis blootgelegd. Met dit proces kan de staat zichzelf rehabiliteren. Daar komt bij dat de dood van een corrupte boekhouder in een gevangenis minder erg klinkt dan de dood van een corruptie bestrijdende boekhouder. Er verder staat behalve Magnitski zelf ook investeerder William Browder (bij verstek) terecht.

Browder probeert vanuit Europa en Amerika te bewijzen dat Magnitski gelijk had. Justice for Sergei heet de film, die hij liet maken over diens lot. Volgens betrokkenen vindt deze rechtszaak plaats vanwege de Magnitski-wet, die dankzij lobbywerk van Browder in december in Amerika is aangenomen. Russische ambtenaren die mogelijk betrokken waren bij de dood van Magnitski, dan wel bij de corruptiezaak die hij aankaartte, kunnen daardoor niet meer naar de VS. William Browder lobbyt nu ook in Europa voor zo’n soort wet.

Voor rechter Igor Alisov, oud-president van deze rechtbank, is Magnitski geen vreemde. Toen hij nog leefde, wees Alisov een klacht af over de omstandigheden van zijn voorarrest. Nu roept hij diens advocaat, Nikolaj Gerasimov, tot de orde. „Praat u toch eens wat sneller.”

Gerasimov, blond, naar schatting eind dertig, heeft er niet voor gekozen om hier te staan. Vorige maand kreeg hij zijn cliënt door de staat toegewezen, nadat de moeder van Magnitski had geweigerd een advocaat te kiezen voor deze „onmenselijke” rechtszaak. Als Gerasimov had geweigerd, zou hij waarschijnlijk het recht hebben verloren om zijn beroep nog uit te oefenen.

Op de tweede dag van het proces, maakt de advocaat een matte indruk. Hij heeft zich niet geschoren en een te grote broek en een oud vest aan. „Hoe weet u dat de handtekening onder de documenten aan Magnitski toebehoorde?”, vraagt hij aan een getuige. Ook advocaat Kirill Gontsjarov, die William Browder moet verdedigen, probeert vragen te formuleren. De getuige antwoordt geduldig. Hij noemt Magnitski een uitstekende vakman.

Op de eerste zittingsdag, een week eerder, hadden de advocaten een duidelijke strategie: rekken. Eerst probeerden ze officier van justitie Reznitsjenko te wraken, omdat ze van hem te weinig voorbereidingstijd hadden gekregen: nog geen zes weken voor de zestig dikke dossiers. Het verzoek werd afgewezen. Vervolgens vroegen ze om meer richtlijnen voor hoe je dat doet, een dode verdedigen. Het verzoek werd afgewezen.

Uiteindelijk verklaarde Gerasimov vorige week dat hij zijn functie niet kón uitoefenen, omdat verdediging van de verdachte ingaat tegen de wens van de vertegenwoordigers van de verdachte: de nabestaanden. Je kunt geen cliënt verdedigen wiens enig belang het is niet te worden verdedigd, vond Gerasimov. Het bezwaar werd afgewezen.

En nu zit hij hier weer. De advocaat ziet er moe uit. En de rechter kapt bijna al zijn vragen af. De volgende zitting is op 1 april.