Bekentenis van een slaaplezer

Ik ben in slaap gevallen bij Stoner. Dat ligt niet aan het boek, dat een van de vijf literaire titels is die deze Boekenweek de Bestseller 60 aanvoerden – vijf, na negen maanden is de Nederlandse lezer kennelijk helemaal klaar met porno.

Ook bij Tommy Wieringa’s Dit zijn de namen ben ik weggegleden als na een lange steppewandeling, Jan van Akens De afvallige zond me naar dromenland alsof ik zeven liter rode Romeinenwijn achter de kiezen had, bij Leon de Winters VSV heb ik gewoon snel het licht uitgedaan.

Ik denk niet dat ik ooit een boek heb besproken waarbij ik niet in slaap ben gevallen. Slaaplezen is nog aangenamer dan echt slapen: je voelt je ogen dichtzakken bij een mooie zin als: ‘Dalem, dacht de secretaris, was iemand, die er uit beleefdheid misschien ook nog wel met zijn gedachten bij zou zijn.’ Je doezelt weg, wordt toch even weer wakker en denkt: wat was die mooie zin ook alweer? En dan – als het boek niet uit je handen gegleden is en met een klap een vergeten ontbijtbord op de slaapkamervloer heeft verbrijzeld – staat hij er nog steeds!

De afgelopen maanden ben ik het vaakst en het best in slaap gevallenbij Tiempo de vida van de Spaanse schrijver Marcos Giralt Torrente, een nog onvertaald dodevaderboek dat even magistraal is als de openingszin ervan: ‘In het jaar waarin mijn vader ziek werd publiceerde ik een roman waarin ik hem vermoordde.’ Spaans is een fijne taal om bij in slaap te vallen, al begin ik inmiddels wel te verlangen naar het moment waarop ik Tiempo de vida eens uit ga lezen.

Onder Marcos Giralt Torrente ligt op mijn nachtkastje De vergaderzaal van A. Alberts. ‘Wat ben je toch een vreemde man’, schreef Geert van Oorschot vandaag 57 jaar geleden aan Alberts, nadat hij vier jaar vergeefs op diens roman De vergaderzaal had gewacht. Van Oorschot zou nog 18 jaar op De vergaderzaal moeten wachten. Misschien is Alberts bij het schrijven van zijn meesterwerk even vaak en soepel in slaap gevallen als ik bij het lezen ervan.

Overigens ben ik van mening dat een criticus niet te veel details moet prijsgeven over zijn leesgewoonten. Voor je het weet word je een karikatuur van jezelf.

Arjen Fortuin wijdt zich de komende maanden aan het schrijven van een biografie van Geert van Oorschot. Hij hervat zijn column begin augustus. Illustratie: Loes van der Laken