Column

Bedriegers

Onlangs schreef ik over The Imposter, een indrukwekkende documentaire over de Franse oplichter Frédéric Bourdin, die zich voordeed als de vermiste zoon van een Amerikaans gezin. De familie nam hem een poosje in haar midden op totdat zijn ware identiteit bleek.

Merkwaardig genoeg is bij het uitkomen van die film nauwelijks gewezen op een eerder schandaal, dat sterke overeenkomsten vertoont met de geschiedenis van Bourdin. Ik bedoel nu niet het schandaal waarop de film The Changeling van Clint Eastwood gebaseerd is; dat doet alleen in de verte aan de zaak-Bourdin denken. Er is omstreeks 1870 een geruchtmakend schandaal geweest dat veel meer op de oplichting door Bourdin lijkt. Ik stuitte erop toen ik een oud essay, Borges’ gebed, van Willem Jan Otten herlas.

Daarin schrijft hij over een van Borges’ vroegste verhalen: De onwaarschijnlijke oplichter Tom Castro. Borges beschrijft hoe een schatrijke Engelse dame, Lady Tichborne, wereldwijd oproepen in kranten plaatst voor haar zoon Roger, die vermist wordt na een schipbreuk. Een Australiër die zich Thomas Castro noemt, beweert dat hij de verloren zoon moet zijn. Hij reist af naar Engeland, waar Lady Tichborne hem in haar armen sluit, hoewel hij in niets op haar zoon lijkt. Het is een fascinerend gegeven waar Otten zelf gebruik van maakte voor zijn eerste toneelstuk, Henry II.

Het verhaal van Borges staat in zijn verhalenbundel Wereldschandkroniek uit 1935. Ik kocht de Nederlandse vertaling, zoals ik gisteren schreef, bij een Amsterdamse antiquaar, omdat ik wilde weten hoe dit verhaal zich verhoudt tot de werkelijkheid én tot de zaak-Bourdin. Borges gebruikte voor zijn bundel waargebeurde geschiedenissen over allerlei schavuiten.

Thomas Castro heette eigenlijk Arthur Orton, een in 1834 geboren Londenaar die na allerlei omzwervingen in Australië belandde. Hij was een slagersknecht met grote schulden toen hij reageerde op de oproep van Lady Tichborne: hij was haar vermiste zoon Roger!

Hij was inmiddels een alcoholische dikzak toen hij zich in Engeland bij de Lady meldde. De familie wilde niets van hem weten, maar Lady Tichborne geloofde hem. Na veertien jaar kon zijn uiterlijk drastisch veranderd zijn, oppert Borges, maar er was nog een andere fundamentele reden voor deze moeder: „De herhaalde, onzinnige oproepen van Lady Tichborne waren het bewijs dat ze er absoluut zeker van was dat Roger niet gestorven was, en dat ze hem wilde herkennen.” Ook Otten schrijft daarover: „Het woord dat het wonder van de herkenning geloofwaardig maakt is: wil.”

Lady Tichborne moet diep in haar hart hebben geweten dat haar zoon niet meer leefde, maar haar wanhoop vernietigde haar ratio. En hier komt bij mij Frédéric Bourdin, de bedrieger uit The Imposter, weer in beeld.

Het gedrag van zijn Amerikaanse ‘moeder’ doet sterk denken aan dat van Lady Tichborne. Bourdin leek evenmin op haar verdwenen zoon, en je ziet haar ook aarzelen als ze hem voor het eerst op het vliegveld ziet. Toch erkent ze hem uiteindelijk als haar zoon. Daartoe werd ze ongetwijfeld ook gestimuleerd door haar weinig kritische dochter, die Bourdin in Spanje had opgehaald.

Bourdin verried zichzelf met een onvoorzichtig radio-interview. Arthur Orton viel door de mand toen de familie Tichborne, na de dood van ma, een proces tegen hem begon. Orton werd veroordeeld tot veertien jaar dwangarbeid.

De grote verliezers waren de moeders.