Paaseitjes

Dit schrijf ik met een mond vol paaseitjes. Dat is het fijne van schrijven: je kunt er bij eten. De lezer hoeft daar niets van te merken, wat je eet blijft privé. Nu eet ik bijvoorbeeld drie eitjes tegelijk. Melk, puur en mokka. Hopla, gewoon door elkaar, chocola is chocola.

Cacaofantasie. Hetzelfde spul komt soms tot ons in de gedaante van een kerstkransje, dan weer als Sinterklaas, dan weer als negerzoen. Nu liggen er overal eitjes. Met Pasen moet je eieren zoeken, zegt men, maar je moet juist moeite doen om ze te ontlopen.

Bijna niemand weet nog wat de ware betekenis is van de paaseitjes. Ik wel. Met Pasen herdenken christenen het lijden van Jezus. Lijden in het Latijn is passio. Daar komt ons woord Pasen van. En passie. En patiënt. En paaseitjes.

Paaseitjes zijn dus letterlijk: lijdenseitjes. Bittere chocola in een glitterjasjes van aluminium. Lijden met glamour.

Maar tegenwoordig betekent passie iets anders. Vanavond is bij de EO weer The Passion te zien, het spektakelstuk over het lijden van Christus. Jim Bakkum speelt Petrus, Jezus zal het liedje ‘De waarheid’ van Marco Borsato zingen. Komisch toch, hoe de EO zijn eigen godslastering organiseert. Maar nog grappiger is dat er vanavond op Twitter weer allemaal ongelovigen steen en been zullen klagen over de ‘wansmaak’ en ‘relikitsch’ van de EO. Vroeger vonden ze de EO te christelijk, nu is het verwijt dat de EO Borsato brengt. God bestaat niet meer, maar o wee als je Hem opleukt.

De elite is stiekem nog calvinistisch, maar snapt religie niet meer. Alsof er vroeger geen passiespelen bestonden. (Verder is de ‘De waarheid’ van Borsato, binnen het genre beschouwd, best een sterk lied.)

Boris van der Ham schreef laatst het volgende over het afschaffen van het verbod op smalende godslastering: „Religie moet in ieder geval gelijk behandeld worden als alle andere meningen, zonder extra bescherming.” Natuurlijk moet lasteren mogen, maar wie religie ziet als zomaar een meninkje snapt weinig van de mens. Die zal nooit begrijpen waarom er nu, noem eens wat, tientallen Nederlanders in Syrië vechten. Die zitten daar niet voor hun lievelingskleur.

Het is een interessante constante in de geschiedenis: de mens wil uiteindelijk geen hapjes en drankjes, maar wil lijden. Dat is het hele probleem. Daar gaat ook het passieverhaal over. Maar het ontgaat zowel de kijkcijferchristenen als de simpelhumanisten.

Arjen van Veelen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Margriet Oostveen