Jezus-de-Mediamusical

Toen ik gistermiddag langs de Hofvijver wilde wandelen, was hier een enorme operatie gaande. Dranghekken en zwarte schermen barricadeerden het pad, en daarachter gromden vrachtwagens en generatoren. Boven al die bedrijvigheid uit torende een poppodium in aanbouw, als een buitenaards skelet.

Ineens begreep ik het. The Passion. Hier verrees een hypermodern Golgotha, waar René van Kooten gekruisigd wordt, beweend door Anita Meyer, en aan elkaar gepraat door Jörgen Raymann.

Het spektakel kostte vorig jaar 1,3 miljoen euro. Een beetje een kruisiging mag best wat kosten, maar vijftienduizend euro per minuut?

Als het publiek er kaartjes voor zou kopen, en het een concert à la André Rieu of Marco Borsato zou zijn, dan had ik het ook inferieure rotzooi gevonden, maar dan had je mij er niet over gehoord.

The Passion is echter gratis toegankelijk, dat wil zeggen bekostigd door de Publieke Omroep (EO en RKK), dat wil zeggen door jou en mij.

Intussen hebben de amateurkoren in Nederland het moeilijk, verdwijnen er orkesten, en daalt ieder jaar het aantal uitvoeringen van Bachs Matthäus-Passion. Voor elke twee minuten Passionproductie kun je een complete Matthäus laten plaatsvinden, met dubbelkoor, tien solisten, twee orkesten… de hele rimram.

Ik weet ook wel dat er geen één-op-éénrelatie is tussen die omroepgelden en de cultuurbegroting, en je hoeft niet overal de belastingcentenkaart te trekken. En toch. We komen zo langzaamaan op het punt waarop Jezus-de-Mediamusical de uitvoering van Bach verdringt, en dat wil ik niet toestaan.

Hoewel tienduizenden meehossers in de platte Passionkermis me zullen toeroepen dat ik een oude elitaire zak ben die thuis gewoon een cd’tje kan draaien, zal ik het blijven opnemen voor Bachs monumentale muziek.

De Matthäus-Passion verhoudt zich tot The Passion als een kathedraal tot een kwak diarree. Je schijnt geen waarde-onderscheid meer te mogen maken tussen hoge en lage kunst, maar wie eenmaal de Matthäus heeft bijgewoond zal, zelfs als hij geen klassieke concertbezoeker is, en zelfs als hij (zoals ik) elke religie beschouwt als een meelijwekkend soort geestesziekte, onmiddellijk geraakt zijn en verrast door de enorme geestelijke rijkdom. Het verdwijnen van die uitvoeringen zou een verarming zijn voor onze cultuur.

Het onderscheid tussen hoge en lage kunst bestaat, en die hoge kunst is waardevoller, maakt ons tot betere mensen, verdiept ons geestelijke leven. Bach is elitair, in de zin dat een kleine kring zijn waarde herkent en als heilzaam voorbeeld met de rest van de bevolking wil delen.

Volgend jaar moet de Publieke Omroep toegangskaartjes verkopen voor The Passion, en met de opbrengsten de regionale Matthäus-Passionuitvoeringen ondersteunen.

Christiaan Weijts is schrijver. Op deze plek schrijft hij elke donderdag over de actualiteit.