De Nachtwacht hangt weer waar-ie hoort

Het is gelukt, hij hangt weer op zijn plek. De Nachtwacht, het meesterwerk uit 1642 van Rembrandt dat het middelpunt vormt van het Rijksmuseum, werd gisterochtend overgebracht van zijn tijdelijke plek in de Philipsvleugel naar de erezaal in het hoofdgebouw die architect Cuypers er speciaal voor ontwierp. De verhuizing van het schilderij van 4,37 bij 3,63 meter was een klus die, net als in 2003, werd geklaard door een gespecialiseerd verhuisbedrijf.

Philips ontwierp in 2003 een speciale hoes, de zogenoemde Intelligent Protective Cover, die het doek niet alleen beschermt tegen eventuele aanvallen met vuurwapens, maar die via sensoren ook onder meer de temperatuur en luchtvochtigheid in de gaten houdt . Het kunstwerk werd eerst via een verticale ‘brievenbus’ boven de ingang van de vleugel in de Jan Luijkenstraat) naar buiten geschoven, in een houten frame. Vervolgens werd het door een hijskraan naar beneden getakeld en op een kar gezet. In plechtige processie, geduwd door de verhuizers, werd het naar de onderdoorgang van het museum gereden. Via een gleuf in het plafond van de passage werd het schilderij naar boven gehesen, onder het oog van gespannen toekijkende museummedewerkers en verhuizers . Na deze geslaagde manoeuvre barstte er applaus los. Het werk was boven meteen op de goede plek. Het hangt daar nu exact zoals tien jaar geleden: op 60 centimeter hoogte, van lijst tot vloer. In de Philipsvleugel hing het schilderij een tikje lager: 51 centimeter van lijst tot vloer.