Cyprus klaar? Het begint nu pas echt

Wie vroeger de Terminator-films heeft gezien, met de voormalige gouverneur van Californië in de rol van onverwoestbare huurmoordenaar uit de toekomst, kan de overeenkomst met de eurocrisis nauwelijks ontgaan. De held denkt de engerd nu eindelijk buiten gevecht te hebben gesteld, maar hij komt toch weer terug. Hij laat hem ontploffen in een tankwagen: Arnold staat weer op. En zelfs als hij definitief lijkt te zijn verslagen, is er toch nog dat armpje met dat handje dat naar je toe kruipt en je bij de enkel grijpt.

Zo kan het ook weer met Cyprus gaan. Want de ervaring leert dat het noodpakket dat afgelopen weekend is overeengekomen niet het einde van het verhaal is. Er komen, als de recente geschiedenis een leidraad is, meer scènes en meer cliffhangers. Dat kan op allerlei manieren, maar een van de meest waarschijnlijke loopt via de macro-economie. Want hoe gaat Cyprus de leningen van Rusland (2,5 miljard euro) en de eurozone (straks 10 miljard euro) terugbetalen? De banksector moet door alle maatregelen met de helft krimpen, maar dat ontneemt het eiland het gros van zijn inkomsten. Toerisme is eveneens belangrijk, maar het vermoeden bestaat dat dit deels gekoppeld is aan de financiële sector. Veel buitenlanders zouden niet op Cyprus zijn als ze er ook hun financiële zaken niet zouden doen. En dan is er die hele dienstensector die met de financiële activiteiten samenhing.

Ga ervan uit dat Cyprus dit jaar een economische krimp van een procent of tien doormaakt. De internationale bankenorganisatie IIF spreekt zelfs over een cumulatief verlies van 20 procent van het bruto binnenlands product (bbp).

Dat klinkt plausibel: de kans bestaat dat de economie volledig instort – en misschien is dat nu al gebeurd. Wat krijg je dan: na de reddingsoperatie staat de staatsschuld op 100 procent van het bbp. Bij een 20 procent kleiner bbp loopt dat op naar 125 procent bbp. Bij een oplopend begrotingstekort wordt dat nog hoger, en dreigt de spiraal naar boven.

Wat in Cyprus eigenlijk moet plaatsvinden is een ‘interne devaluatie’ – in wezen wat andere gevallen eurolanden ook meemaken, maar dan nog veel heviger. Het eiland wordt zo goedkoper en hopelijk concurrerender, maar omdat het geen eigen munt heeft moet dat door interne prijsdalingen. Het is een kwestie van tijd, stelt de econoom Paul Krugman, tot het afschrikwekkende alternatief in vergelijking minder erg gaat lijken: een échte devaluatie. En dat vergt dat Cyprus de euro opgeeft en het eigen pond weer invoert.

In beide gevallen wordt de schuld ondraaglijk. Ofwel hij luidt in euro’s en moet worden opgebracht door een slinkende economie met dalende prijzen, waardoor hij reëel alleen maar verder groeit. Of hij luidt in buitenlandse euro’s en moet worden betaald met fors gedevalueerde Cypriotische ponden. De vraag die de Cyprioot zichzelf zal stellen is: wil ik het langzaam, tergend en moreelondermijnend? Of wil ik het snel en zeer pijnlijk?

Er is een uitweg, en die is dat de 10 miljard van de eurozone openlijk of omfloerst wordt kwijtgescholden. Dát of het verlies van Cyprus als euroland. Het duurt wellicht nog even, maar het ziet ernaar uit dat het daar uiteindelijk om zal gaan.

De redacteuren Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze wisselcolumn over economische ontwikkelingen.