Patent zoekt naar ondernemers

TNO heeft ongebruikte patenten liggen en zoekt naar ondernemers om de ideeën op de markt te brengen. En dus is er de belofte van geld.

De Oxidesk, een samenwerking tussen TNO-onderzoekers en een ondernemer. Het zou werknemers gezond houden. Foto Ilvy Njiokiktjien

Onderzoeker Aard de Jong heeft de zaal aan het rillen gekregen. „Het heeft nog een beetje een zwavellucht.” Gistermiddag presenteerde hij in Bussum aan een zaal vol ondernemers zijn idee voor een drankje om „smakelijk” mee af te vallen. De ondernemers zijn op uitnodiging van kennisinstituut TNO bijeengekomen . Het concept is simpel: twintig onderzoekers pitchen een innovatief idee. Zij zijn op zoek naar ondernemers uit het midden- en kleinbedrijf die met hun idee aan de slag willen gaan. Het TNO heeft veel ongebruikte patenten liggen; op deze manier hoopt het instituut geld en kennis te vinden om ze niet ongebruikt te laten. Zo zoekt wetenschapper De Jong een ondernemer die het afslankdrankje verder kan ontwikkelen – zodat het echt smakelijk afvallen is – en op de markt wil brengen.

„Wij zijn onderzoekers”, vertelt Erik Ham. „Geen marktmensen.” Ham is bij TNO verantwoordelijk voor het contact met de MKB’ers. De ondernemers die wel wat zien in één van de gepitchte ideeën kunnen een plan voor een haalbaarheidsstudie indienen. Uit alle inzendingen kiest TNO twaalf ondernemers die de studie mogen uitvoeren; daarvoor krijgen ze maximaal 25.000 euro. Uit de twaalf worden er vier gekozen die het product mogen ontwikkelen – dan krijgen ze 250.000 euro. Mooie opdracht, zeker in crisistijd.

In de zaal rinkelt regelmatig een telefoon, schermen van smartphones lichten op. Zakendoen, dat stopt voor dit publiek – grotendeels man en gekleed in pak met stropdas – nooit. De wetenschappers presenteren hun productideeën in korte filmpjes en vlotte praatjes. Een camera die schuin kan kijken. Gestoomde kroepoek, een blauwe plekken-opspoorder en een ondergronds sensorennetwerk. Ze hebben een dag presentatietraining gehad, vertelt Ham. Cabaretier Dolf Jansen praat de presentaties aan elkaar, want „diepgang met humor”, dat kan best.

Gaat een ondernemer met een patent aan de slag, dan moet hij of zij jaarlijks licentie betalen. „Dat is een paar procent, tussen de één en de vijf, van de omzet”, vertelt Ham. Als het product een „technologisch succes” is moet een deel van het geld, 75.000 euro, aan TNO terugbetaald worden. „Door ondernemers een lening te verstrekken, in plaats van een subsidie, kunnen we meer van dit soort projecten financieren”, zegt Ham.

Jaarlijks krijgt TNO, waar rond de vierduizend mensen werken, 180 miljoen euro aan onderzoeksgelden van Economische Zaken. Één miljoen daarvan is voor dit project.

André Kapitein is medeoprichter van het bedrijf Denc Innovations.Hij wil vanuit dat bedrijf andere ondernemingen starten die zich voornamelijk moeten richten op medische innovaties. Kapitein heeft zijn zinnen gezet op het product van Michiel Oderwald. Oderwald ontwikkelde samen met een team een apparaat om een tumor preciezer te kunnen bestralen. Zo wordt de kans op beschadiging van organen die ontzien moeten worden, verminderd. De basissoftware ligt al klaar. De ondernemer kan aan de slag met het ontwikkelen van een prototype. Kapitein is enthousiast. „Wat is er mooier dan een leven redden? Hier gaan we op meedingen.” Bang voor concurrentie is hij niet. Hij heeft al veel connecties in de ziekenhuiswereld. „Voor anderen is de medische markt eng. Producten moeten aan zo veel richtlijnen voldoen.”

Oderwald is tevreden met de aandacht van vandaag, hij verwacht zo’n vijf tot tien aanmeldingen. „Voor mij is een uitvinding pas een succes als het werkt en als het op de markt is gebracht. Daarom werk ik bij TNO, en niet bij een universiteit.”