‘Nachtwacht kun je niet verzekeren of vervangen’

Hoe verhuis je het altaarstuk van de natie? Heel voorzichtig. Onder een ‘theemuts’ ging de Nachtwacht vandaag terug naar z’n plek in het Rijks.

Slechts drie keer verliet de Nachtwacht het Rijksmuseum. Meer dan honderd jaar geleden, in 1898, voor een tentoonstelling elders. Een tweede keer, in 1939, verliet hij het pand uit angst voor bommen, om pas na de oorlog terug te keren. De laatste keer was in 2003, om de grootschalige verbouwing van het Rijksmuseum mogelijk te maken.

Het beroemde schilderij van Rembrandt van Rijn uit 1642 ging tien jaar geleden naar een tijdelijke plek in de Philipsvleugel van het Rijksmuseum. Daar kon het publiek het werk blijven bezichtigen. Vandaag om twaalf uur, als alles naar plan verloopt, is het 4,5 meter brede en bijna 4 meter hoge schilderij omhoog getakeld, en via een superbrievenbus teruggekeerd aan de wand die architect Cuypers ervoor had bedoeld, aan het einde van de eregalerij.

Het verhuizen van een schilderij van zo’n groot nationaal belang is een precisieoperatie. Dat bleek al in 2003, toen de voorbereidingen ongeveer een jaar in beslag namen. Deze keer kon het werk beperkt blijven tot enkele maanden, omdat de verhuizing een herhaling is van de handelingen van negen jaar geleden, maar dan in omgekeerde richting.

Het Rijksmuseum huurde weer hetzelfde verhuisbedrijf in, dat destijds Gerlach heette, maar na een reeks fusies de naam Crown Fine Art heeft, een subdivisie van Crown Relocations. Daar vonden het afgelopen decennium nogal wat personeelswisselingen plaats. Het bedrijf slaagde er desondanks in de man die de verhuisklus destijds leidde, Paul Nies, tijdelijk terug te halen.

Ook de kar waarop de Nachtwacht negen jaar geleden werd vervoerd, is dezelfde. Maar eerst is het doek, dat zonder lijst al 170 kilo weegt, verpakt in een speciaal daarvoor ontworpen houten frame. Daaromheen kwam de ‘theemuts’, zoals de medewerkers in het museum dat noemen. Philips ontwikkelde deze Intelligent Protective Cover negen jaar geleden. De beschermhoes is opgebouwd uit een stalen frame van 300 kilo en bevat onder meer een isolatielaag van schuim. Verder zitten er sensoren in die bijhouden wat de temperatuur en de luchtvochtigheid zijn, die beide niet te snel mogen stijgen of dalen. Daarnaast houden sensoren bij hoe sterk de schokken zijn die het kunstwerk ondergaat. Liesbeth de Smedt van Philips zegt vol vertrouwen: „De hoes is helemaal nagekeken. Alles werkt nog prima.”

Bij de verhuizers was de spanning des te groter. Fred Weijgertse, de directeur van Crown Fine Art, wilde niets zeggen tot na afloop. Eerst moest alles goed zijn verlopen.

De Nachtwacht is onverzekerd. „Dat is geen geheim”, zegt een woordvoerder. „Dat zou onbetaalbaar zijn, en bovendien heb je weinig aan een eventuele uitkering bij diefstal of schade. Je krijgt nooit meer hetzelfde werk terug.” Pieter Roelofs, conservator zeventiende-eeuwse schilderkunst, noemt de Nachtwacht „onverzekerbaar, onverkoopbaar, onvervangbaar”.

En toch maken de conservatoren, anders dan in 2003, zich niet zoveel zorgen over de verhuizing. „Logisch”, zegt Roelofs. Destijds was het voor het eerst in 58 jaar dat de Nachtwacht werd versleept. Nu voor het eerst na negen jaar. Daarnaast staat nu een grotere gebeurtenis te wachten: de heropening van een totaal gerenoveerd museum, over 17 dagen al. Roelofs: „Bovendien is de verhuizing van de Nachtwacht het sluitstuk.”

Alle grote schilderijen zijn al naar binnen getakeld. Zoals de buurjongen van de Nachtwacht, een groot schutterstuk van Van Helst, minder hoog, maar aanzienlijk breder. Roelofs: „Dat is allemaal goed gegaan.”

Wellicht is dat ook een reden om dit keer een minder grote show te organiseren. In 2003 heeft het museum het „zo persoonlijk mogelijk” proberen te maken, in de woorden van Roelofs. Op de website van Philips was de verhuizing live te volgen. Ook de buitentemperatuur, de temperatuur van het schilderij, de afgelegde afstand, zelfs het aantal verbruikte calorieën en de hartslag van de verhuizers waren op internet bij te houden. Dit keer niets daarvan.

Roelofs: „Dat paste bij die tijd. Toen leken dat soort nieuwe mediadingetjes allemaal heel erg belangrijk, voor Philips en voor ons. Nu geven we niet zoveel meer om camera’s in de helm van een verhuizer.”