Huntelaar hoeft zich geen illusies te maken

Van Persie heeft afscheid genomen van Huntelaar als concurrent in de spits. De discussie is nu: wie heeft hij het liefst achter zich als spelverdeler?

Welk gegeven lekkerder voor hem voelde, wilde Robin van Persie gisteravond niet zeggen. Hij is Johan Cruijff en Abe Lenstra gepasseerd. Maar belangrijker, zo zal hij het zelf voelen, is dat de spits op de lijst van topscorers van Oranje met zijn twee doelpunten tegen Roemenië weer op gelijke hoogte staat met Klaas-Jan Huntelaar: 34 goals. „Ieder heeft zijn verhaal”, zei Van Persie. „Cruijff heeft veel minder interlands gespeeld, Lenstra ook. Je kan het niet echt vergelijken.”

Zorgvuldig ontweek de spits na de comfortabele overwinning op Roemenië (4-0) de politieke thema’s. Toen hem gevraagd werd of hij beter tot zijn recht komt met Rafael van der Vaart achter zich in plaats van de nu geblesseerde Wesley Sneijder, maakte hij de vragensteller van de NOS onschadelijk met een theaterstukje dat terug te voeren was op een weddenschap vorige week. Hij gaf de interviewer zijn shirt, ondertekende het met ‘voor mijn hele goede vriend’ en smoorde zo de discussie over wie hij liever achter zich heeft als spelverdeler.

Zijn zelfvertrouwen is onwankelbaar. Van Persie is meer dan ooit onomstreden en dat is snel gegaan onder bondscoach Louis van Gaal. Augustus vorig jaar nog kreeg Huntelaar „mijn vertrouwen, omdat hij in mijn ogen meer heeft gebracht in Oranje”, zo zei Van Gaal voorafgaand aan de eerste interland in zijn tweede termijn als bondscoach. Maar op de de dag dat de spits van Schalke 04 in die interland tegen België liet zien wat zijn voetballende beperkingen zijn, kwam het nieuws dat Van Persie een overstap maakte van Arsenal naar Manchester United. Het zou de verhoudingen – voorgoed? – veranderen.

Met zijn nieuwe club wordt Van Persie ergens volgende maand kampioen van de Engelse Premier League en dat is voor een groot deel te danken aan zijn goals. De aanvaller deed gisteravond zijn best de schijn op te houden alsof er van een serieuze concurrentiestrijd met Huntelaar nog wel degelijk sprake is. „De discussie zal altijd blijven. Dit is ook een beetje de waan van de dag, morgen kan het weer anders zijn.” Zeer aannemelijk allemaal, maar hij zei het met een zelfverzekerde grijns waaruit af te lezen was dat Huntelaar zich geen illusies hoeft te maken.

Al bleven momenten van wereldklasse gisteren beperkt tot één – toen hij bij de 2-0 de bal uit een harde voorzet van Arjen Robben met een subtiele hoofdbeweging naar de verre hoek stuurde. „Een wereldgoal”, vond Van Gaal. Opgeteld bij een benutte strafschop en een assist bij de openingsgoal van Van der Vaart was het qua effectiviteit een wedstrijd van Van Persie die „niet beter kon” zei Van Gaal. „Dat is fantastisch voor de media, maar ik heb nog wel wat kritische noten over zijn spel. Dit was niet zijn beste interland.”

Inmiddels is Van Persie hard op weg richting de veertig doelpunten van topscorer en huidig assistent-bondscoach Patrick Kluivert. De eerstvolgende interlands zijn de uitwedstrijden tegen Indonesië, China, Estland en Andorra. En hij wil ze allemaal spelen, zei hij gisteravond.