Defensie moet betalen voor psychische schade ex-militair

Na dertien jaar procederen heeft de voormalige militair Dave Maat aangetoond dat Defensie verantwoordelijk is voor de psychische schade die hij opliep door zijn uitzending naar Srebrenica. Dat heeft de Centrale Raad van Beroep, de hoogste rechter in het militaire ambtenarenrecht, bepaald.

De rechter stelt dat Defensie „onvoldoende maatregelen heeft genomen om blijvende PTSS” (posttraumatische stressstoornis) bij Maat te voorkomen. De hoogte van de schadevergoeding is nog niet vastgesteld. Volgens Maats advocaat, Geert-Jan Knoops, zal deze „een paar ton” moeten bedragen.

De uitspraak heeft gevolgen voor andere militairen die getraumatiseerd zijn teruggekeerd uit Bosnië, waar in 1995 de enclave Srebrenica viel en 8.000 moslims door Bosnische Serviërs werden vermoord. Defensievakbond ACOM verwacht dat nog twintig tot dertig veteranen een schadevergoeding kunnen eisen.

Dave Maat werd in 1995 als 19-jarige uitgezonden naar Bosnië, waar Nederlandse militairen onder de vlag van de Verenigde Naties de vrede moesten bewaren. De moslimenclave die zij moesten bewaken, werd overlopen. Maat werd beschoten, gegijzeld en hij was getuige van het omkomen van een collega. „Na terugkeer werden we eerst naar huis gestuurd. Daarna zijn we alleen ondervraagd over de operatie. We kregen geen psychische hulp”, zegt hij.

Terug in Nederland functioneerde Maat niet meer, werd ontslagen door defensie en kwam thuis te zitten met chronische PTSS. In 2000 spande hij een zaak aan tegen Defensie, gisteren velde de rechter het definitieve oordeel. „Het voelt alsof ik 18 jaar in Bosnië ben geweest”, zegt Maat.

Maat heeft niet op alle terreinen gelijk gekregen. De rechter oordeelde dat Defensie haar zorgplicht als werkgever heeft verzaakt, maar dat de voorbereiding op de missie wel voldeed en dat het departement „niet verantwoordelijk is voor de oorlogsomstandigheden ter plaatse”.

Defensie is dan ook „tevreden met delen van de uitspraak”, zegt een woordvoerder. „De rechter heeft besloten dat wij een schadevergoeding moeten betalen, en dat gaan we ook netjes doen. Het staat andere militairen vrij om ons te benaderen, maar dit is geen generieke uitspraak over onze nazorg. Ieder geval is anders.”