Van der Vaart redt eer van ‘grote vier’

Sneijder viel uit, Robben kreeg een standje van Van Gaal. Een onverdeeld succes was het optreden van ‘de grote vier’ niet.

Mooi die jonge gasten, maar op een toernooi is ervaring onontbeerlijk. Met zoveel woorden hield Rafael van der Vaart (30) deze week een pleidooi voor zichzelf en de eindtwintigers in de selectie van Oranje: Arjen Robben, Robin van Persie en Wesley Sneijder. Maar een onverdeeld succes werd het optreden van de routiniers niet in de WK-kwalificatiewedstrijd tegen Estland (3-0). Sneijder viel al vroeg uit en Robben hield zich niet aan de afspraken.

De liefhebber kon zich verheugen op een basiself met daarin drie van de ooit tot ‘grote vier’ gedoopte Oranje-internationals. Voor het eerst sinds de overwinning op Turkije afgelopen september stonden zij samen op het veld. Maar het was de vierde – invaller Van der Vaart – die zijn generatiegenoten een dienst bewees met een fris en doortastend optreden.

Kort na rust creëerde hij voor zichzelf met een korte draai ruimte nadat Daryl Janmaat hem in het volle strafschopgebied had gevonden: 1-0. De stand-in-spelmaker nam in deze fase Nederland bij de hand en dirigeerde het team met zijn linkervoet.

Ze hadden het tot dan niet makkelijk gehad, de vedettes. Robben eiste een negatieve rol op toen hij vlak voor rust de bal in het doel stifte terwijl hij lang daarvoor was afgefloten voor buitenspel. Het kwam hem op een gele kaart te staan – hoogst onprofessioneel. „Ik heb hem daar in de rust op aangesproken”, zei Van Gaal na de wedstrijd. Hij toonde zich zeer ontevreden met de aanvaller van Bayern München, die volgens de bondscoach op de verkeerde plekken liep en niet diep genoeg stond.

Van Persie ging zichtbaar gebukt onder de schoppen die hij van Estse verdedigers moest incasseren. Aan zijn 2-0 ging evenwel een attente loopactie vooraf, op waarde geschat door opnieuw Janmaat.

En Sneijder? Een glansrijke rentree na een half jaar afwezigheid werd het geen moment voor de speler die deze winter met een transfer naar de Turkse competitie aantoonde niet meer tot de absolute top te horen. De middenvelder werd na iets meer dan een half uur gewisseld met een liesblessure.

Dat zijn eeuwige rivaal op de nummer-tien-positie daarna de show stal zal de eerzuchtige spelverdeler voor lief moeten nemen. Van der Vaart rekent zich nog niet rijk, zei hij na de wedstrijd. „Ik ben blij dat ik het weer eens heb kunnen laten zien in Oranje. Maar de bondscoach is duidelijk: er zijn drie nummer tiens, daarvan is Wesley nummer één. Ik heb veel zin om te proberen dat om te draaien.”