'Sotsji' motiveert Russen en Kazachstanen

Bij de WK in Sotsji rijden schaatsers uit Rusland en Kazachstan zich in de medailles. Toch bewandelen beide buurlanden hun eigen pad.

Een jaar geleden nam Denis Koezin via Facebook emotioneel afscheid van zijn fans thuis in Kazachstan. Het talent had tijdens een fietstraining in de buurt van Inzell, in de afdaling een klapband opgelopen, bij een snelheid van zo’n 70 kilometer per uur. Met kunst- en vliegwerk werd zijn verbrijzelde rechterschouderblad gerepareerd, maar aan zijn sportcarrière was voortijdig een einde gekomen, schreef hij.

Gisteren vierde dezelfde Denis Koezin dat hij als eerste Kazachstaanse schaatser goud veroverde op een WK. „Mijn coaches hebben me vorig jaar overgehaald toch door te gaan. Ik ben blij dat ik naar ze heb geluisterd”, zei Koezin (24), nadat hij op de 1.000 meter een hele batterij Nederlanders had verslagen, maar ook de Koreaan Mo Tea-bum (zilver) en tweevoudig olympisch kampioen Shani Davis (brons).

De WK afstanden hebben dankzij Sven Kramer en Ireen Wüst veel weg van een oranjefeestje, ook in Rusland en buurland Kazachstan wordt reikhalzend uitgekeken naar de Spelen van 2014. Behalve het Russische goud van Denis Joeskov op de openingsdag (1.500 meter) haalde Ivan Skobrev twee keer brons (1.500 en 5.000 meter). „Dat de Spelen naar Sotsji komen is een enorme motivatie voor sporters en coaches”, zegt de Russische coach Kosta Poltavets. „Je ziet het aan Skobrev en aan Joeskov: zij willen hier hun belangrijkste prestatie van het jaar leveren.”

En de Sotsji-worst bungelt net zo verleidelijk voor de ogen van de Kazachstaanse trainers – ook zij reden ooit voor de Russische vlag. Koezin wordt getraind door Sergej Klevtsjenja, wereldkampioen sprint van 1996 en 1997, en Vadim Sajoetin, nummer twee op het WK allround van 1999. Maar Sajoetin, zag de topsport in Rusland en Kazachstan elk een heel eigen kant opgaan nadat de Sovjetunie ruim twintig jaar geleden uiteen was gevallen. „Overal kreeg de topsport enorme klappen, maar in Rusland werd sport meer serieus genomen dan in Kazachstan.”

De Spelen van Sotsji betekenen voor de Russische wintersport een keerpunt, al wordt in het land nog hardop gebeden om betere resultaten dan de rampzalige Spelen van Vancouver (2010). Sajoetin: „Ze hebben in elk geval een budget dat met geen enkel land te vergelijken valt.”

Het Kazachstaanse schaatsen had zijn eigen ‘Sotsji’ – maar dat is inmiddels achter de rug. „Wij plukken nu de vruchten van de Aziatische Winterspelen die twee jaar geleden in Astana werden gehouden”, zegt Sajoetin. „Net als de Russen nu doen met Sotsji, investeerde Kazachstan heel veel geld om die Spelen tot een succes te maken. Het goud van Koezin is daar een gevolg van.”

Koezin zorgde in Kazachstan al eerder voor een toenemende belangstelling voor wintersporten. Sajoetin: „Hij won bij de Aziatische Spelen al goud op de 1.500 meter. Maar dit succes maakt hem nog veel groter. Hij is pas de tweede Kazachstaanse wereldkampioen in een wintersport, na langlaufer Vladimir Smirnov in 1995.”

Kazachstan kent een oude schaatstraditie, vooral dankzij de legendarische bergbaan van Medeo bij Almaty, waar ten tijde van de Sovjetunie soms mysterieuze wereldrecords werden gereden. Sajoetin: „Medeo bestaat nog, maar er wordt alleen nog recreatief geschaatst.”

Koezin zelf komt uit een andere schaatsstad, Kostanaij, zo’n zevenhonderd kilometer ten noordwesten van Astana, dat alleen een natuurijsbaan heeft. Maar net als zijn collega’s in Rusland hoeft Koezin zich allang geen zorgen meer te maken over een topsportaccommodatie. Waar de aanleg van nieuwe, moderne ijsbanen in Europa al jaren stagneert – met name in Friesland – bouwt men in Rusland en de voormalige invloedssferen lustig verder: Rusland heeft behalve in Moskou inmiddels hypermoderne overdekte stadions in Kolomna, Tsjeljabinsk en Sotsji; Kazachstan heeft Astana.

Na de eerste schermutselingen op het olympische ijs van Sotsji kijken ook de Russen met enige tevredenheid terug. Zij hebben meer om over naar huis te schrijven dan bijvoorbeeld de Noren of de Amerikanen.

Wel zoekt Skobrev nog altijd naar een manier om zijn Nederlandse kwelgeest Sven Kramer te verslaan. Maar dat wordt een moeilijk verhaal. „Als we één van zijn benen eraf hakken is het mogelijk”, grijnsde hij gisteren na de prijsuitreiking. Hij wist nog een andere manier om Rusland volgend jaar aan meer medailles te helpen. „Als we Sven kopen hebben we zeker een kans.”

Skobrev was in Vancouver (met zilver en brons) nog een Russisch lichtpunt. Drie jaar later staat zijn land er een stuk beter voor. „We hebben Joeskov erbij, we hebben een paar nieuwe mannen en vrouwen. Je voelt het verschil met het verleden.”